Quotes (preken-log)

AanhalingstekensHieronder vind je citaten uit de preken die ik tot nu toe gehouden heb, te beginnen met de laatste.

13 oktober 2019, Makkinga
“….het geloof dat Jezus bij de Samaritaan ziet dat bestaat uit diens Dankbaarheid.”

22 september 2019, Oldeberkoop
“U moet voor uzelf maar beoordelen of uit de troonrede en de miljoenennota een geluid heeft geklonken  dat ons doet denken aan de boodschap van Jezus, namelijk dat er creatieve zorg uit spreekt over mensen die buiten de boot dreigen te vallen.”

15 september 2019, Noordwolde
“Maar het schaap vindt niets. Nee, het wórdt gevonden. Het lijkt wel de titel van een boek van Dorothee Sölle: ‘Zoeken en gevonden worden.’”

1 september 2019, Scherpenzeel
“Je hoeft jezelf niet door het slijk te halen. Nee, “wie zichzelf vernedert”, dat houdt hier in: wie neerzit bij de vernederden, wie solidair is met de zwakkeren, wie hún bondgenoot probeert te zijn, díé zal verhoogd worden.”

28 juli 2019, Else
“En zoe’n persoonlike relaosie die iene het mit God, daor moe’n wi’j as butenstaonders niet tussen kommen. Et is ommes een persoonlike relaosie!”

21 juli 2019, Oldberkoop
“Wij vinden – ons DNA vindt – zijn oorsprong in God die alles in allen is. Dean Hamer zei dat mensen een god-gen hebben. De mens wikt…
Het gaat er om om bij dat wikken en wegen de goede keuzes te maken. Het gaat er om het god-gen te omarmen en zijn werk te laten doen. Als we er van uitgaan dat God in ons DNA zit dan kunnen we zingen: Lieve vriend, door jouw nabijheid voel ik liefde diep in mij.”

14 juli 2019 Boijl
“Wie vervult voor ons de mentorrol? Wie is onze naaste? Is dat de priester? Is het de Leviet? Of misschien tóch de Samaritaan?
En – andere vraag – voor wie willen wij de mentorrol vervullen? Voor wie willen wij de naaste zijn?”

7 juli Veenhuizen
“De Bijbel wordt immers té vaak gebruikt als een soort alibi: “Ja, maar, het staat toch in de Bijbel? Ja, maar God zei toch……” Nog es: Alle geloven op gezag is een bewijs van het ontbreken van eigen geloof. Ook geloven op gezag van de Bijbel of van je ouders of van wie dan ook.”

30 juni 2019, Oldeberkoop
“Ik merk het zelf nu wij zullen gaan verhuizen naar Noordoost Friesland. Ik heb enige tijd nodig gehad om aan dat idee te kunnen wennen. Omdat je weet dat je veel, heel veel, moet loslaten. En dat doet altijd pijn. Maar als je bewust een dergelijke keuze maakt, dan sta je ook zelf in voor de gevolgen van die keuzes.”

16 juni 2019, Apelscha
“De ‘enige zoon’ wil in die benadering dus niets anders zeggen dan dat de Zoon – die Christusgeest – in álles leeft; in de mens die zich dat zelf bewust is, maar ook in het dier, in de plant en in delfstof, ja in alles.”

30 mei 2019, Appelscha – Hemelvaart
“U weet misschien dat mijn vrouw een beroep heeft aangenomen naar Noord-Oost Friesland; en daar zit onontkoombaar een verhuizing aan vast. Ik merk nu al dat het straks afscheid moeten nemen van deze omgeving toch wel het een en ander met me doet.”

26 mei 2019, Scherpenzeel
“Als het ons lukt om in elk geval dáár lief te hebben en de vrede te dienen, dan zal dat een kiem zijn die zijn uitwerking niet mist. Dan ligt daar de basis voor het koninkrijk, een koninkrijk dat er al is, als wij het maar willen toelaten en willen laten zien aan anderen. Kortom Heb lief!”

19 mei 2019, Makkinga
“Is het gebod om elkaar lief te hebben, niet net zoiets als uitgehuwelijkt worden; als meisje of vrouw gedwongen worden met een man te trouwen, terwijl je zelf die keuze nooit zou maken? Liefde is toch een gevoel, een emotie die spontaan ontstaat? Of ….kan het tóch?….   kun je liefde ook ánders definiëren?”

12 mei 2019, Oldeberkoop
“In de Bijbel staat dat God ons goden heeft genoemd. Laten wij ons dan ook als liefhebbende goden opstellen in het leven. Dat wil zeggen: het beste voorhebben met mensen om ons heen.”

5 mei 2019, Noordwolde
“die Bähler schreef in 1904 een artikel waarin hij woorden van Jezus in zijn eigen woorden weergeeft en hem laat zeggen: “Niemand is goed dan God alleen. Ik – Jezus dus – vraag u niet verheerlijkt mij, aanbidt mij, verafgoodt mij. Alles wat ik van u vraag is: volg mij.“”

7 april 2019, Scherpenzeel
“Wij kunnen wel een hek zetten rondom ons land, onze welvaart, onze werkgelegenheid en onze eigen cultuur en zeggen: Afblijven! Van ons !! Maar is dat rechtsbetrachting of…..? Waarom zouden mensen uit Afrika niet evenveel recht hebben op wat wij toevallig aan ‘rijkdommen’ om ons heen hebben?”

24 maart 2019, Oldeberkoop
“Het leggen van een logisch verband tussen dood en zondig zijn, wijst Jezus dus resoluut van de hand. Sterker nog: hij zegt dat degenen die zo hard oordelen, tot inkeer moeten komen en anders zélf zullen sterven.
Dat vind ik tegenstrijdigd: Jezus legt dus wél de relatie tussen ‘hard oordelen’ en sterven….!”

10 maart 2019, Veenhuizen
“Vandaag is dus de klimaatmars. Gods schepping startte als een paradijs. Maar het is de mensheid gelukt om zodanig te leven dat veel van dat paradijselijke is verloren is gegaan. Rivieren in Rusland bevatten zoveel gif, dat dorpen worden geëvacueerd. De zeeën bevatten zoveel plastic, dat zeehonden en andere dieren soms met kilo’s ervan in hun maag worden aangetroffen. We hebben het wel over de olifantenjacht die moet ophouden, maar in ons land daalt de bijenstand en het aantal weidevogels zienderogen.”

24 februari 2019, Veenhuizen
“Volmaakt te zijn, zoals de hemelse Vader volmaakt is. Dat lijkt een erg moeilijke opgave, maar het is eigenlijk heel eenvoudig: als we geconfronteerd worden met tegenslag, dan moeten we tot tien tellen, voordat we reageren. En in die tien tellen kunnen we proberen de zaak om te draaien: omdenken! Waar doe ik nú goed aan?”

27 januari 2019, Oldeberkoop
“En het emotioneerde mij dat ik door het meezingen van dat lied, samen met al die andere kerkgangers, als het ware een warme deken legde om de schouders van de vele LHBT-ers die zich door de Nashvilleverklaring in de steek gelaten voelen. Een soort genade-DAG van de Heer. Immers: waar liefde woont gebiedt de Heer zijn zegen!”

20 januari 2019, Elsloo
“Veel te vaak wordt het wonder van het geloof gereduceerd tot het niveau van wat kan worden ervaren, aangeraakt of gezien. Het wonder van het geloof valt dan samen met zoiets als een onverklaarbare genezing, een profetisch woord of opstanding uit de doden.”

23 december 2018, Oldeberkoop
“ls een engel zijn vleugels verliest en zijn opdracht vergeet is hij dan niet nét een mens? Maar dat kunnen we ook omdraaien: als een mens zich zijn of haar opdracht van God herinnert en uitvoert is die mens dan niet nét een engel?”

4 november 2018, Scherpenzeel
“Vroeger beschouwde men God als een filosofische God. Hij werd genoemd bij al die zaken in het leven waar mensen geen antwoorden op hadden,  zoals bij rampen, bij ziekte en bij de dood. Zo vulde God, in de ogen van de mensen, de gaten op waar kennis en inzicht tekort schoten.” 

28 oktober 2018, Zuidhorn
“Geloven gaat niet over het bewijzen van God in de kosmos of de natuur. Geloven gaat om verbinding tussen mensen, met andere ogen leren kijken en Christus, de mensenzoon, volgen in zijn menselijkheid.”

21 oktober 2018, Scherpenzeel
“Dan kunnen wij zeggen tegen mensen voor wie wij een naaste willen zijn: “Zo wil ik leven: eenvoudig en klein, met twee lege handen een koningskind zijn.””

14 oktober 2018, Makkinga
“Nu ben ik verre van rijk, integendeel zelfs, maar dan nóg: het heeft me bij de voorbereiding van deze dienst een tijdlang beziggehouden: ál mijn eigendommen verkopen en al het geld weggeven? Als ik eerlijk mag zijn: ik ben daar nog niet aan toe….. ”

30 september 2018, Oldeberkoop
“Heel vaak wordt gesuggereerd dat goed zijn voor anderen, op zichzelf wel goed kan zijn, maar als je niet gelooft, tja wat dan? Heeft het dan wel enige waarde? Dan is het toch puur horizontalisme? En als je de verticale lijn niet in het oog houdt, dan loopt het slecht af.”

23 september 2018, Appelscha
“Hoe kan iemand jou je geloof afnemen? Laat je je dan zó sterk door anderen leiden of verleiden? Of kan het soms ook zo zijn, dat je zelf al enige (verdrongen?) twijfel had en ben je bang om die twijfel toe te laten?”

9 september 2018, Scherpenzeel
“Je hoeft dus niet eerst te sterven voordat je het koninkrijk van God in al zijn kracht meemaakt.”

2 september 2018, Oldeberkoop
“Dát kijken”, zo gaat Hans Stolp verder, “die manier van aanvoelen,  weet, voelt en ziet in de ander de goddelijke levenskrachten stromen. Het ziet, hoe de ander doorstroomd wordt door God zelf. Het ziet, dat ín de ander God zelf voor ons staat.”

26 augustus 2018, Oldeberkoop
“Aan ons is de vraag: Begrijpen wij het nu? Want: Wat vragen mensen meer van ons dan dat wij breken en delen als ons is voorgedaan?

19 augustus 2018, Elsloo
“Telkens als in de Bijbelverhalen Jezus iemand geneest, moeten wij ons afvragen of wij wellicht aan dezelfde ziekte lijden.”

12 augustus 2018, Appelscha
“We kunnen trouwens ons aan het eind van dit verhaal ook afvragen wie hier wie heeft beïnvloed; wie heeft wie genezen? En misschien zelfs wel: wie heeft hier wie bekeerd…?”

24 juni 2018, Appelscha
“Ik denk dat God ons meestal niét redt met spectaculaire ingrepen, met buitengewone gebeurtenissen. God wil ons redden, door ons stille geloof aan de aanwezigheid van God in onszélf, zodat de storm kalmeert en we dichter bij de andere oever komen.”

17 juni 2018, Else

“Gister ston in de kraante dat meer as een miljoen Nederlaanders een inkommen hebben onder de aarmoedegreens, Krapan 300.000 kiender gruuien op in aarmoe. Zol dat rechtveerdig wezen?”

10 juni 2018, Steggerde
“De wil van God is dat wi’j in vri’jhied leren aantwoorden op Gods liefde; en dawwe deur de keuzes – die we in vri’jhied maeken – vorm geven an oons persóónlike en gemienschoppelike leven.”

6 mei 2018, Scherpenzeel
“Wij ervaren bij onszelf een schaduwkant die we vergelijken met de zonnige situatie van mensen om ons heen. Daarbij vergeten we wel eens dat die ánderen hun éigen schaduwkanten hebben die ze echter voor de omgeving verborgen proberen te houden.”

29 april 2018, Makkinga
“Soms heb je van die gesprekken waarin je elkaar optilt en waar je zo’n goed gevoel aan overhoudt, dat het ‘meer dan het gewone’ is. Bijzonder dus. Dan heb je de ervaring dat ‘God gebeurt’!”

8 april 2018, Veenhuizen
“Pasen  is dus véél meer dan een aantal wonderlijke gebeurtenissen rond een open graf.”

4 maart 2018, Zuidhorn
“Kortom: te werken aan vrede, gerechtigheid en heelheid van de schepping. Dát is leven volgens de Tora; dát is het volgen van Jezus.  Of, in de woorden van lied 1007: “Is jouw beschutting verloren gegaan, In windvlagen zal ik mijn kleed om je slaan.”

25 februari 2018, Oldeberkoop
“God sterft niet uit als wij ophouden in Hem te geloven, maar wij houden op te leven als we niet meer verlicht worden door die dagelijkse, wondere ervaring van de levensbron, die alle begrip te boven gaat.”

18 februari 2018, Scherpenzeel
De verkeerde dingen worden in de Bijbel toegeschreven de duivel. Dat maakt het gemakkelijk. Maar dat is versluierend taalgebruik. Dan is het dierlijke, het duivelse, het verkeerde een wezen buiten ons.

11 februari 2018, Appelscha
“Zijn wij bereid om onze nek uit te steken, wellicht zelf ‘besmet’ te raken  door onze omgang met mensen die vaak als uitschot worden behandeld?”

3 december 2017, Scherpenzeel
Zacharias gelooft niet zo één, twee, drie, wat hem wordt beloofd. En vervolgens blokkeert hij op het punt waar hij zo sterk in is: spreken. Zoals Berry van Peer de pijltjes niet meer uit zijn hand kreeg, zo lukte het Zacharias niet meer om ook maar één woord uit te brengen.”

15 oktober 2017, Appelscha
“Een gevoel kun je niet afdwingen, maar een actie, een handeling, iets dat je in een werk-woord kunt uitdrukken, dát kun je wel oproepen. En je kunt je wel openstellen voor de naaste; hem of haar zien als mens van God, aan jou gelijk. Dan kan het ook lukken om van zo iemand te houden.”

8 oktober 2017, Ryptsjerk
“Eberhard van der Laan sloot zijn afscheidsbrief voor zijn Amsterdammers af met de woorden”Zorg goed voor onze stad en voor elkaar.” Kernachtiger had hij de woorden uit het evangelie niet kunnen weergeven. Het evangelie is immers en het leven van Jezus houden namelijk in: Zorg goed voor de wereld en voor elkaar.”

24 september 2017, Scherpenzeel
“De gelijkenis leert ons dat we niet zozeer uit moeten zijn op wat wij een eerlijke verdeling van middelen vinden, maar dat we moeten werken aan een betere spreiding ervan. Spreiding van geld, voedsel, kennis en macht – en dat allemaal wereldwijd.”

10 september 2017, Oosterwolde
“Jezus is duidelijk: het zorgen maken is eigenlijk het dienen van de mammon. Genieten is: God dienen.”

10 september 2017, Veenhuizen
“Stel we zouden met het christendom opnieuw kunnen beginnen. Wat zouden we dan meenemen en wat zouden we achterlaten?

3 september 2017, Oldeberkoop
“Mensen worden (…) doof voor andere visies want die zorgen dat ze in verwarring raken. En ze spreken zich niet meer uit – ze worden stom – omdat dat wat ze willen zeggen niet geaccepteerd zal worden.”

27 augustus 2017, Makkinga
“….het was niet de wens van God dat Jezus moest lijden, nee, het is een bewuste gang van Jezus zelf, een geloofsdaad zou je kunnen zeggen. Het is de consequentie van een levenskeuze. Net zoals die boer. Jezus ‘moest’ lijden als gevolg van zijn eigen keuzes in het leven.”

23 juli, Steggerda
“Wat is uw of jouw onkruid; en wat is mijn onkruid? Het onkruid in onszelf en het onkruid dat anderen in ons leven hebben gezaaid? Kunnen wij het geduld opbrengen om te accepteren dat dat onkruid bij ons leven hoort?”

9 juli 2017, Boyl
Naar God gaan betekent dan zoiets als je mind-set veranderen: niet meer al je aandacht hebben bij problemen die je uit het verleden met je meedraagt, of zorgen die je hebt voor de toekomst;”

2 juli 2017, Oldeholtwolde
“Maar mógen wij onszelf wel aanmerken als de trouwe kudde? Trouw aan de herder?  Of kan het ook zijn, dat wij juist daardoor lijken op de Farizeeën en schriftgeleerden omdat wij ons beter voelen dan de tollenaars en zondaars uit onze maatschappij?”

25 juni 2017, Oldeberkoop
“…wat moeten wij met de verhalen als het alleen maar gaat over eeuwen geleden  en over de wonderen die Jezus toen deed. Dan wordt geloven zoiets als: het klakkeloos aannemen van zaken die we niet kunnen bewijzen of zien. Je gelooft het of je gelooft ‘t niet.”

18 juni 2017, Zuidhorn – Dorpskerk
 ….hoe helpt God? Iemand verwoordde het als volgt: “God heeft geen andere handen en voeten, dan onze handen en voeten.” Lied 973 roept ons op om voor elkaar te zijn Gods oog en oor, zijn hand en voet, zijn hart en mond.”

11 juni 2017, Else
“Kommen we God in dit verhael tegen? Ja! Hi’j wodt dan wel niet mit naeme nuumd, mar wi’j zollen zeggen kunnen: in dit verhael wodt dudelik dat ´God gebéurt´ – God gebeurt tussen meensken en deur meenksen die dienstber wezen willen an zien Keuninkriek.”

14 mei 2017, Makkinga
“….zo zijn er ook in het huis van de Vader veel kamers, zegt Jezus. Er is niet slechts één kamer met een naambordje er op: “alleen Protestanten” of “alleen Katholieken” Geen naambordje met “Vrijzinnigen” of “Evangelischen”. Nee, misschien zouden we nog verbaasd staan te kijken hoe het eruit zou zien als we het ons zouden kunnen voorstellen.”

7 mei 2017, Nijeholtpade
Maar, zo kunnen wij ons afvragen, hóé wil God er zijn? Hoe kan God aanwezig zijn in ons leven? Ik denk dat dat alleen maar kan als wij onszelf de vraag stellen: “Hoe kan ik een goede herder zijn voor mensen om mij heen?” Want wij zijn als schapen ook verantwoordelijk voor elkaar! “

30 april 2017, Veenhuizen
Het maakt hem niet uit dat hij verder naakt is. Wat is het toch mooi als mensen in een impuls dingen kunnen doen die anders niet in hen zouden opkomen. Dat ze zichzelf kunnen zijn. Sommige mensen hebben er één of twee of meer borrels voor nodig, om los te komen, om vrijer te worden; maar voor Petrus  is het genoeg dat hij Jezus ziet.

9 april 2017, Ryptsjerk
Jezus zei enkele keren: “Wekelijks zitten ze vooraan in de synagoge, met hun lange gewaden en huichelachtig lange gebeden“, maar de andere dagen zijn ze er blijkbaar op uit  om Gods Koninkrijk te dwarsbomen. Waarom eigenlijk?”

26 maart 2017, Scherpenzeel
“Na de doop, of de belijdenis, of het gebed, of het lezen uit de Bijbel, allemaal momenten waarop we door God geraakt worden, daarna moeten wij onszelf wassen in ons eigen badhuis van Siloam.”

19 maart 2017, Elsloo
Tussen die twee geloven op die berg, tussen de Samaritaanse en Jezus, daar sliep niet de duivel tussen, nee, daar liep God tussen. Op die berg, bij die ontmoeting, daar was God aanwezig. God was daar niet aan te wijzen – Hij gebeurde!’

26 februari 2017, Veenhuizen
`Maar als we de tekst van Matteus goed lezen, dan draait Jezus de piramide van Maslow helemaal om. Je moet je geen zorgen maken over eten, drinken en kleding, maar juist het koninkrijk van God zoeken, en dat is een uiterste vorm van zelftranscendentie, zelfontplooiing.´

19 februari 2017, Noordwolde
`Dat lijkt een erg moeilijke opgave, maar het begin is eigenlijk heel eenvoudig: als we geconfronteerd worden met tegenslag, dan moeten we tot tien tellen, voordat we reageren. En in die tien tellen kunnen we proberen de zaak om te draaien: omdenken! Waar doe ik nú goed aan?`

12 februari 2017, Oldeberkoop
“Misschien is het dan mogelijk dat er weer toenadering komt, dat onbegrepen uitspraken of handelingen weer in het juiste perspectief worden gezet en er wederzijds begrip komt. Is dit moeilijk? Ja, dat is het zeker. Erg ingewikkeld zelfs. Zo ervaar ik dat zelf tenminste. Het is immers niet eenvoudig om een eerste stap te zetten. Zeker niet als je jezelf onschuldig voelt. Zeker niet als die ander jóú iets heeft aangedaan.”

29 januari 2017, Appelscha
Het koninkrijk van God dat is dat binnen kerken niet de dogmatiek of macht overheerst, maar dat de medemenselijkheid de boventoon voert; het is dat we niet zoeken naar wat ons van elkaar scheidt, maar dat we de verbinding zoeken en elkaar respecteren.”

15 januari 2017, Oldeberkoop
In zijn prachtige boek ‘De orthodoxe ketter’ zegt Peter Rollins het zo: “Veel te vaak wordt het wonder van het geloof gereduceerd  tot het niveau van wat kan worden ervaren, aangeraakt of gezien. Het wonder van het geloof valt dan samen met zoiets als een onverklaarbare genezing, een profetisch woord of opstanding uit de doden.””

31 december 2016, Elsloo
“God zal voor jullie zorgen.” Dat is om dankbaar voor te zijn, maar het is tevens een opdracht. In die zin mag het ook een goed voornemen zijn voor morgen en voor de dagen daarna. Wij kunnen omzien naar elkaar, ook vandaag, morgen en heel 2017 en daardoor de ander laten voelen “God zal voor jou zorgen.””

24 december 2016, Elsloo
“Het is niet zozeer de geboorte van het kind, de mens Jezus, maar meer de Christus, de Christusgeest die zich in hem openbaart, die plotseling een hele grote groep engelen doet uitroepen: “Ere zij God in de hoge. En vrede op aarde voor de mensen van wie God houdt”.”

11 december 2016, Veenhuizen
“Er zijn nog steeds engelen in deze wereld, als wij ze maar willen zien  – én als wij ze maar willen zijn!”

6 november 2016, Scherpenzeel
Binnen de kerk vinden we een breed scala aan Godsbeelden. Is dat erg? Nee, ik denk het niet; het is helemaal niet erg. Maar er ontstaan wél problemen als men de mening van een ánder gaat uitsluitend of veroordelen.”

23 oktober 2016, Boijl
“Misschien was het contrast met de Farizeeër zelfs wel groter geweest als de tollenaar geen woord hardop had uitgesproken en alleen maar stil was geweest. Want bidden is,  zo las ik ergens, bidden is net zo lang stil zijn – tot je Gods stem hoort.”

16 oktober 2016, Nijeholtpade
“Het zouden de woorden kunnen zijn geweest van Jezus als hij later met zijn discipelen het laatste avondmaal viert. “Ik drink op jullie omdat jullie mijn volgelingen willen zijn en daardoor mee willen werken aan het Koninkrijk van God. Want jullie zeggen tegen de mensen om jullie heen: Ik wil jou van harte dienen en als Christus voor je zijn.”

11 september 2016, Ryptsjerk
“Maar mogen wij onszelf wel aanmerken als de trouwe kudde? Trouw aan de herder? Of kan het ook zijn, dat wij juist daardoor lijken op de Farizeeën en Schriftgeleerden omdat wij ons beter voelen dan de tollenaars en zondaars uit onze maatschappij?”

4 september 2016, Uffelte
In een relatieverslaving hebben we óók onze zelfstandigheid opgegeven maar hebben we ons meer specifiek afhankelijk gemaakt  – niet van biertjes, sigaretten of het Casino  – maar van een ander persoon, bijvoorbeeld onze partner of onze ouders.”

14 augustus 2016, Scherpenzeel
“Het heeft namelijk meestal geen zin om op te merken dat er wellicht sprake is van buikspreken: dat deze mensen eigenlijk zeggen hoe zij zélf ergens tegenaan kijken, en dat ze daar dan God bijslepen als alibi, als bewijsmiddel.”

7 augustus 2016, Makkinga
Hebreeën 11: 1-3 en 8-16  en Lucas 12: 32 – 40
“Welke traditie geven wij door aan onze kinderen en kleinkinderen, of, in het algemeen, aan de jongeren van de kerk? Is dat een geloof met de nadruk op de buitenkant en op de regeltjes: Elke zondag naar de kerk, drie keer bidden per dag, elke dag twee keer uit de bijbel lezen. Dit moet en dat mag niet. Zo hoort het en dat is niet gepast…?”
Willen we dát overbrengen? Zo’n instelling?

31 juli 2016, Noordwolde
Prediker 2: 1-11 en Lucas 12: 13-21
Is dat dan een vraag die duidt op hebzucht en hebberigheid? Zo is deze tekst namelijk vaak uitgelegd: dat Jezus de vragensteller eigenlijk een reprimande geeft, zo van: “Doe toch niet zo hebberig, wees toch blij met wat je hebt!” Maar het is maar zeer de vraag of het zo gelezen moet worden.

26 juni 2016, Oldeholtpade
1 Koningen 19: 19-21 en Lucas 9: 51-62
“Was ik dan altijd zo vastberaden in die keuzes? Ja, op het keuzemoment zélf wel, maar er gingen worstelingen aan vooraf! Vastberaden naar Jeruzalem gaan, wil niet zeggen dat je geen kleine of grotere kruispunten meer zult tegenkomen.”

12 juni 2016, Else
1 Keunings 21 en Marcus 9: 30-37
“Een zels dat ók vormd is deur oonze oolden en veuroolden, zeker! Et is neffens Carl Jung, ok nog es vormd deur een kollektief onderbewuste, mar ok een zels dat, zo hope en geleuf ik, een kern vint in God zels.”

5 juni 2016, Oldeberkoop
1 Koningen 17: 17-24 en Lucas 7: 17-24
“Maar stel nu eens dat Lucas in beelden heeft willen schrijven. Dat hij geen realistisch verslag geeft van iets dat echt gebeurd is, maar dat hij, als arts, beelden van leven en dood heeft gebruikt om zijn blijde boodschap van Jezus’ leven, in te verpakken.”

29 mei 2016, Ryptsjerk
1 Koningen 8: 22 en 37-43 en Lucas 7: 1-10
“Maar…. zo moeten we ons afvragen: wie heeft hier uiteindelijk de genezing bewerkstelligd? Is dat Jezus, die geen enkel woord tot de centurio sprak?”

8 mei 2016, Havelte
1 Samuël 12: 19b-24 en Johannes 14: 15-21
“Ik laat jullie niet als wezen achter”, zei Jezus, ik kom bij jullie terug.
Hij keert namelijk terug als de Christus; de Christusgeest die in ieder van ons aanwezig is. De Geest van God.”

1 mei 2016, Noordwolde
Joël 2: 18-27 en Johannes 14: 22-31

“Als wij leven vanuit liefde en daarbij de vrede betrachten – dan woont Christus, ja dan woont God zélf in ons. Dat is de belofte die ook wij vandaag meekrijgen.”

24 april 2016, Een
Deuteronomium 6: 1-9 en Johannes 13: 31-35

“Is het gebod om elkaar lief te hebben, niet net zoiets als uitgehuwelijkt worden; als meisje of vrouw gedwongen worden met een man te trouwen, terwijl je zelf die keuze nooit zou maken? Liefde is toch een gevoel, een emotie die spontaan ontstaat? Of ….kan het tóch?…. kun je liefde ook ánders definiëren?”

20 maart 2016, Oldeberkoop
delen uit Matteus 21 en 26

“Gisteren stond in dagblad Trouw een interview met Tomas Halik, de Tsjechische priester en theoloog die niet-gelovig is opgevoed. Deze auteur van ‘Geduld met God’ zei in dat interview: “God heeft een zwak voor mensen die met hem worstelen. Onze vragen zijn voor het geloof soms een betere plek dan onze gesloten definities.””

13 maart 2016, Havelte
Jesaja 58:1-10 en Lucas 20:9-19

“Vaak is dit uitgelegd als God die zijn zoon Jezus als offer stuurt. Maar …. is dit wel een vader die zijn zoon doelbewust offert? Heeft de wijngaardenier, heeft God, niet het volste vertrouwen in zijn pachters? Ik denk juist van wél! Verwacht hij van hen wanbestuur en afranselingen? Natuurlijk niet.”

6 maart 2016, Appelscha
Lucas 15: 11 – 32

“De God – met de vader- én moederrol – bij wie wij ons hart kunt luchten, is ook de God van degene die naast ons zit, of voor of achter ons; is ook de God van hen die niet in de kerk zitten, ja, is ook de God van degene met wie wij niet zo goed kunt opschieten, of met wie we zelfs in onmin leven.”

28 februari 2016, Scherpenzeel
Exodus 6: 2 – 8; Lucas 13: 1 – 9

“Ouders moeten daarom niet willen dat hun kinderen kopieën zijn van henzelf. Nee, ze moeten hen weerbaar maken voor het grote leven, hen een goede basis meegeven om op voort te borduren en dan het vertrouwen hebben dat het goed komt.”

21 februari 2016, Makkinga
Lucas 9: 28-36

“Dag Hammarskjöld verwoordde het zo: God sterft niet uit als wij ophouden in God te geloven, maar wij houden op te leven als we niet meer verlicht worden door die dagelijkse, wondere ervaring van de levensbron, die alle begrip te boven gaat.”

Havelte, 10 januari 2016
Delen uit Lucas 3: 1-22

“Dat is een goed bericht aan het begin van een nieuw jaar, te weten: “Jij bent mijn geliefde kind, in jou vind ik vreugde.””

Veenhuizen, 20 december 2015
Johannes 1: 19-28

“Wie zijn wij? Wij zijn niet de messias. En Elia? Die zijn wij ook niet. Zijn wij de profeet? Nee,
maar in ons woont iemand……..”

Makkinga, 6 december 2015
Lucas 3: 1-6

“Angelus Silesius was een mysticus en schreef ook erg veel tweeregelige gedichtjes. Eén zo’n kort maar qua inhoud zeer rijk gedichtje is:
“Ik draag Gods beeltenis, wil Hij zichzelf bekijken,
Hij kan het slechts in mij, en in wie mij gelijken.“”

Scherpenzeel, 29 november 2015
Lucas 1: 5 – 25

“Als het goed is, gemeente, zijn wij hoopvol over de komst van Christus. Niet de Jezus, zoals die in de Bijbel tot ons is gekomen, want die is immers al geboren, maar wij hopen op de geboorte van de Christusgeest in onszelf. Dát zouden we moeten verwachten en dáár moeten we aan werken.”

Else, 22 november 2015
Ezechiël 34:11-17 en Matteus 25:31-46

“Die helle is ommes gien plak daj’ anwiezen kunnen; et is niet de ruumte aachter een zonuumde poorte naor de helle. Nee, de helle dat is et leven buten de liefde mit God.”

Oldeberkoop, 8 november 2015
Deuteronomium 6:1-9 en Marcus 12:28-34

“De samenstellers van de Nieuwe Bijbelvertaling hebben er in hun opperste wijsheid blijkbaar voor gekozen om het gebod: “Heb uw naaste lief als uzelf” – om dat gebod te bestempelen als ‘het op één na belangrijkste’ gebod. Maar in de Griekse grondtekst staat dat helemaal niet.”

Oldeholtwolde, 18 oktober 2015
Jesaja 29: 18-24 en Marcus 10: 32-45

“Jezus wilde niet lijden, maar juist zoveel geluk en vrijheid doorgeven als maar enigszins mogelijk was. Maar daarbij nam hij wel bewust het risico van vervolging en dood. Jezus koos dus niet bewust het lijden als weg, maar hij koos óók niet voor de lafheid van valse compromissen of allerlei aanpassingen van zijn goede boodschap – het evangelie.”

Boijl, 27 september
Numeri 11: 24-30 en Marcus 9: 38-50

“De hel is dus niét een plek waar men ná de dood terecht kan komen, nee, de hel staat model voor een plek waar je leeft zonder God. Daar kwam je bijvoorbeeld als misdadiger terecht als je had geleefd zonder liefde, zonder respect voor anderen. Maar het is vooral ook de plek zonder geloof in dit leven, zonder veiligheid, zonder geborgenheid en zonder hoop.”

Appelscha, 20 september 2015
1 Koningen 21 en Marcus 9: 30-37

“De afgelopen weken hoorde ik van een situatie waarin een man met louche praktijken bezig was. Zijn vrouw kon hem maar niet overtuigen om er mee te stoppen. Ten einde raad stelde ze hem toen tenslotte de indringende vraag: “Als jij sterft, hoe wil je dan herinnert worden?” ”

Makkinga, 13 september 2015
Jacobus 2: 1-18 en Marcus 9: 14-29

“Ik geloof! Dus niet: ik geloof hierin of daarin, maar gewoon: ik geloof, ik vertrouw, ik vertrouw op de toekomst. Maar ik zit ook nog vol ongeloof, vol niet-geloof, vol twijfel; zoveel in mij gelooft niet, vertrouwt niet, want ik ben al zo vaak teleurgesteld. En U God, U weet dat!”

Veenhuizen, 6 september 2015
1 Koningen 18: 20-40 en Marcus 8:27-9:1

““Het is al begonnen, merk je het nog niet?” Het Koninkrijk van God is er dus al – als wij het maar willen doén!”

Scherpenzeel, 2 augustus 2015
Deuteronomium 10:12-21 en Marcus 7: 1-9 / 15-23

“Nee, in Deuteronomium lazen we al: ‘God handelt zonder aanzien des persoons en is onomkoopbaar.’ Zonder aanzien des persoons: dat wil zeggen: geen discriminatie van homoseksuele mensen, van gehandicapten, ouderen of mensen met een uitkering.Geen wetgeving apart voor moslims omdat ze moslim zijn.”

Veenhuizen, 26 juli 2015
Jesaja 63: 7-14 en Marcus 6: 45-52

“Mensen vragen me wel eens: Heeft Jezus écht over dat water gelopen? Maar, gemeente, als we ons dát gaan afvragen, als we ons dáár druk over maken, dan missen we de boodschap waar het in het evangelie eigenlijk om gaat. De Franse filosofe Simone Weil zei al: “Een uit zuivere liefde gegeven aalmoes is een even groot wonder als het wandelen over het water.””

Noordwolde, 19 juli 2015
Nehemia 9: 15-20 en Marcus 6: 30-44

“Geven jullie hen te eten !!
Om voor elkaar te zijn uw oog en oor roept U ons, Christus, uw gezicht te zijn, uw liefde, hoop, geloof – uw zonneschijn.”

Scherpenzeel, 28 juni 2015
Marcus 5: 21 – 43

“Dood hoeft dus in de Bijbel niet de letterlijke dood te betekenen. Je bent in de Bijbel ook ‘dood’ als je niet durft te leven of niet kunt leven. Als je niet tot jouw eigen bestemming kunt komen. Jezus zegt daarom: “Jou zeg ik: sta op! Leef je leven! Ga op je eigen benen staan. Bepaal zelf de richting.”

Boijl, 14 juni 2015
Ezechiël 17: 22-24 en Marcus 4: 26-34

“Kortetermijndenken leidt tot korte termijn geluk. Beter is het om je te realiseren dat het wellicht de moeite loont om af te wachten. De beloning kan wel eens groot zijn!”

Appelscha, 7 juni 2015
Rechters 12: 1 – 6 en Marcus 3: 20 – 35

“Iederéén die de wil van God doet. Het gaat Jezus dus niet om de familieband op basis van het DNA. Het gaat ook niet om wie “Here, Here” roepen, zo zegt Jezus in Matteus, nee, het gaat om iedereen die de wil van God doet. Dát is het sjibbólet van Jezus!”

Scherpenzeel, 14 mei 2015
2 Koningen 2: 1-15a en Lucas 24: 44-53

“Welk belang heeft Lucas bij deze verschillen gehad? Waarom twee afwijkende verhalen over één onderwerp? Het zou mij niets verbazen dat het zijn bedoeling is geweest, om aan de lezers – en dus ook aan ons – duidelijk te maken dat hij géén feitelijke gebeurtenis wilde weergeven, geen historisch ooggetuige-verslag.”

Makkinga, 10 mei 2015
Hooglied 1: 1-7 en Johannes 15: 9-17

“Gods liefde die over ons is en wordt uitgestort, die mogen wij doorgeven aan anderen. En dat niet alleen met woorden, maar ook in ons doen en laten. Zoals het in lied 791 zo mooi is geformuleerd: “Liefde vraagt om ja en amen, ziel en zinnen metterdaad.””

Oldeberkoop, 3 mei 2015
Deuteronomium 30:11-20 en Marcus 5: 1-20

“De man die steeds leefde tussen de graven op het kerkhof — hij wordt de gemeenschap in gestuurd. Die opdracht hebben ook wij! Jezus’ opstanding van Pasen moet ook voor ons bevrijdende betekenis hebben in ons eigen leven. Ook aan ons is daarom de opdracht, zoals we lazen in Deuteronomium: om uit ons doodse bestaan op te staan en te kiezen voor het leven.”

Oldeberkoop, 26 april 2015
Ezechiël 34: 1-10 en Johannes 10: 11-16

“Geert Mak schreef vorige week zaterdag al in de NRC: “Het begrip elite wordt vandaag de dag niet meer geassocieerd met topkwaliteit, maar met ivoren torens, intellectuele blindheid, vriendjespolitiek, bonussen, gegraai, interim-managers en wanbeleid.” Allemaal herders dus die zichzelf weiden in plaats van de schapen.”

Scherpenzeel, 19 april 2015
Hooglied 1: 1-7 en Johannes 21: 14-21

“Eigenlijk zijn we zelfs zwak en onverstandig als we ons leven vergelijken met het leven dat ánderen hebben of door het te laten verbitteren door ons lot, door haatgevoelens.
Want: Liefde leeft langer dan de haat.”

Havelte, 12 april 2015
Jesaja 26: 1-13 en Johannes 20: 19-29

“Zo mogen ook wij liefdevol op pad gaan, en anderen tot zegen zijn, immers:
‘God heeft zijn werk al gedaan, nu is aan ons de taak om wat Hij begonnen is voort te zetten.’ Dat is het uitdelen van zijn liefde, Gods liefde die ons wakker kust.”

Makkinga, 29 maart 2015
Marcus 11: 1 – 11 en 14: 3 – 9

“De vraag op deze Palmzondag is: Staan wij het dichtst bij de mensen die Jezus toejuichten of juist bij de mensen die daar niets van moesten hebben? Staan we naast de zalvende vrouw of naast haar criticasters?”

Assen, 8 maart 2015
Jeremia 26: 1-8; 17-19 en Johannes 2: 13-25

“De tempel staat volgens de middeleeuwse mysticus Meister Eckhart voor de ziel van de mens. De ziel van de mens is als beeld van God gelijk aan God. God wil de ziel leeg hebben om er zelf alleen in te kunnen wonen. Dat is een mooi beeld: onze ziel als tempel van God.”

Oldeberkoop, 22 februari 2015
Genesis 9: 8-17 en Marcus 1: 9-15

“De woestijn van het leven. De woestijn als model voor de verlatenheid; geen zand in de Sahara maar een samenleving waar ménsen als los zand samenleven, en dus eigenlijk juist niét samen-leven. Dat maakt steden en dorpen en kerkgemeenschappen tot een woestijn en de beschaving tot een verwilderde wereld.”

Noordwolde, 15 februari 2015
2 Kon.5: 1-3 en 9-15b en Marcus 1: 40-45

“Hoe vaak komen wij in situaties waarin wij mensen zouden kunnen helpen die door anderen uitgestoten worden? Vluchtelingen, asielzoekers, Marokkanen, moslims, homoseksuelen, werkelozen, randkerkelijken enzovoort. U kunt zelf het lijstje eenvoudig aanvullen. Zijn wij bereid om onze nek uit te steken, wellicht ‘besmet’ te raken door onze omgang met deze mensen, die door anderen niet zelden als uitschot worden behandeld?”

Elsloo, 8 februari 2015
2 Kon. 4: 18-21 32-37 en Marcus 1: 29-39

“Jezus kiest er voor de drukte van het succes te ontlopen. Hij wil niet ten onder gaan aan zijn succes omdat hij vindt dat zijn werk dóór moet gaan. En daarvoor heeft hij even wat afstand nodig – de eenzaamheid – waarin hij tot inkeer kan komen, want dat is bidden.”

Scherpenzeel, 1 februari 2015
Deuteronomium 18: 15-20 en Marcus 1: 21-28

“Moet ik die moslim, met wie ik een prachtig gesprek had, voor een artikel in de Nieuwe Ooststellingwerver, moet ik die de rug toekeren, in plaats van dat we elkaar omhelzen? Moet ik die docent die me leerde de Bijbel naar het nu te ‘vertalen’ maar die zichzelf eerder Boeddhist dan christen zal noemen, moet ik die docent afvallen, kwaad over hem spreken? En dat allemaal alleen maar omdat zij geen christenen zijn?”

Oldeberkoop, 7 december 2014
Jesaja 40: 1-11 en Johannes 1: 19-28

“Wie zijn wij? Wij zijn niét de messias. En Elia? Die zijn wij ook niet. Zijn wij de profeet? Nee. Maar in ons woont iemand. Misschien zijn we dat zelf. Dat het zo moge zijn.”

Noordwolde, 16 november 2014
Ezechiël 34: 11-17 en Matteus 25: 31-46

“Want er zullen velen komen die mijn naam misbruiken en zeggen: “Ik ben de Messias”. Dat zijn de mensen die menen God in hun broekzak te hebben, die zeggen te weten hoe God over ánderen oordeelt. Het zijn mensen die uit zijn op groot vertoon en veel poeha. Die uit zijn op de kwantiteit van kerk-zijn, aantal kerkgangers dus, in plaats van op de kwaliteit van mens- en gemeente zijn. Het zijn valse profeten, mensen die zeggen dat ze de messias zijn.

Ryptsjerk, 26 oktober 2014
Deuteronomium 6: 1-9 en Matteus 22: 34-46

“Dat Jezus ook nog noemt dat men zijn of haar naaste moet liefhebben, dat is alleen maar een bevestiging, of misschien wel beklemtoning, van de noodzaak om God lief te hebben. Je naaste niet liefhebben = God niet liefhebben. Liefde, daar draait namelijk alles om.
Niet voor niets staat er in 1 Johannes 4: 8 : “Wie niet liefheeft kent God niet, want God is liefde” ”

Oldeberkoop, 19 oktober 2014
Jesaja 45: 1-7 en Matteus 22: 15-22

“Belasting aan de staat schenken…… en geloof aan God, zeggen ze dan. Maar het maakt nogal wat uit of ons belastinggeld naar onderwijs en zorg gaat of naar prestigeobjecten als WK’s en Olympische Spelen of naar wapens. En zorgt de staat er wel voldoende voor dat de sterkste schouders ook de zwaarste lasten dragen?”

Makkinga, 12 oktober 2014
Rechters 7: 1-22

“Het gaat namelijk wel degelijk om het winnen. Maar dan niet het winnen van de grootste eer of het meeste geld, het gaat niet om grote kerkgebouwen of veel kerkgangers, of om vertoon van macht: “zie en hoor ons eens!” Nee, het gaat om het winnen van het ware leven, een leven van liefde, gemeenschapszin en zorg voor elkaar; het luisteren naar elkaar en het zien van elkaar. Daar draait het om!”

Scherpenzeel, 28 september 2014
Ezechiël 18:1-4 en 25-32; Matteus 21: 23-32

“De vraag is vandaag aan ons: “Jongen, meisje, vrouw, man: ga vandaag in de wijngaard aan het werk.” En wij, wat antwoorden doen wij? En, nog belangrijker: wat doen wij?”

Assen, 21 september 2014
Jona 3:10 – 4:11; Matteus 20: 1-16

“De gelijkenis leert ons dat we niet zozeer uit moeten zijn op wat wij een eerlijke verdeling van middelen vinden, maar dat we moeten werken aan een betere spreiding ervan. Spreiding van geld, voedsel, kennis en macht – en dat allemaal wereldwijd.”

Appelscha, 7 september 2014
1 Koningen 19: 9b-18 en Matteus 18: 1-5 en 10-20

“Wie open-minded in contact staat met slechts één of twee anderen, en daarbij die anderen respecteert en probeert van hén iets te leren, die staat waarschijnlijk dichter bij het koninkrijk van God dan iemand die alleen maar met een grote groep geestverwanten aan theologische zelfbevrediging doet maar geen contact heeft – werkelijk contact – met andersdenkenden.”

Boyl, 3 augustus 2014
Nehemia 9:15-20 en Matteus 14:13-21

“Met ons hele bestaan kunnen wij meer voor anderen betekenen dan wij soms denken. Wij hebben vaak een veel te lage dunk van onze eigen mogelijkheden. Wij hebben immers maar vijf broden en twee vissen……..”

Makkinga, 20 juli 2014
Job 2:1-10a en Matteus 13: 24-30 en 36-43

“En op een bepaald moment zei de voorganger: “Dit zijn niet de woorden van de evangelist, maar die van Jezus.” Maar, gemeente, dat is maar zeer de vraag. Het zijn woorden van Matteus, die meldt dat Jezus iets heeft gezegd. Maar of het inderdaad woorden van Jezus zélf zijn, en of hij het dan met dié bewoordingen heeft gezegd, dát is maar zeer de vraag. Immers, de verschillende evangelisten hebben vaak verschillende versies van eenzelfde gebeurtenis.”

Oldeberkoop, 13 juli 2014
Jesaja 55: 6-19 en Matteus 13: 1-9 en 18-23

“Maar er viel ook wat zaad in goede grond en dat bracht vrucht voort. ‘Wat zaad’, helemaal niet zoveel dus; geen grote hoeveelheid. Wat zaad. Het lijkt er op dat Jezus hier wil zeggen: “Inderdaad, het klopt, het kost heel veel om de wereld in stand te houden, veel verloren moeite, veel falen en tragiek.”

Nijeholtpade, 15 juni 2014
Exodus 34: 1-11a en Matteus 28:16-20

“Slaven, dat zijn zij, die afhankelijk gemaakt worden – of zichzelf afhankelijk gemaakt hebben – van macht, van bezit, van geld.
Slaaf ben je, als je niet vrij in het leven kunt staan.
Slaaf kun je dus ook zijn van je baan, van je hypotheek, van je status.”

Veenhuizen, 1 juni 2014
1 Samuël 12:18-24 en Johannes 14: 11-21

“Dwaal niet af om achter iets aan te lopen dat niets oplevert en niet bevrijdt, omdat het niets is.”
Wij gaan vaak in op hypes, op nieuwe dingen die een appèl op ons doen. Of dat nu bekende televisiefiguren zijn, voormannen uit de kerk of politici die de onderbuikgevoelens aanspreken – veel mensen hebben de neiging daar achteraan te gaan lopen.

Else, 4 meie 2014
Jesaja 43:1-12 en Johannes 21: 1-14

“Mar veur mi’j is een hiel aandere reden vule belangrieker waorom ik bliede bin dat disse tekst et niet wodden is. Mien muuite zit ‘m veural in et woortien ‘moet’.
“Ik wil ’t volk ter karke nugen, want et moet veur God zich bugen.”
Et zol in mien beleving arg vremd wezen as, op een klokke die klinken kan omdawwe bevri’jded binnen, as daor openi’j een vorm van onderdrokking bruukt wodt: Et volk MOET veur God zich bugen…..”

Nijeholtpade, 27 april 2014
Genesis 8: 1-17 en Johannes 20: 19-29

“Soms zijn mensen zo gekwetst, zo vernederd, zo mishandeld, zo beschadigd, dat we niet direct om vergeving mógen vragen. Dan moet er eerst en vooral aandacht zijn voor de pijn en het verdriet. En dan zonder goedkope troost of een goedkope vraag naar vergeving. Maar er juist volop zijn voor die diep gekwetste mens, Hem of haar bijstaan in dat verdriet.”

Earnewâld, 13 april 2014
Markus 11: 1-11 en 12: 38-40

“Dalik geane wy de Stille Wike yn. In perioade fan besinning wêryn wy besykje kenne om yn ús de goede stimme wekker te meitsjen. Net de stimme fan ‘e hegepryster of skriftgelearden. Net de stimme fan de minsken mei swetserij, mar de stimme fan dy Iene ienfâldige dy’t sizzen bliuwt: Ik sil der foar dy wêze. ”

Appelscha, 23 maart 2014
Jesaja 58: 1-10 en Matteus 21: 33-46

“Bisschop Muskens deed ooit uitspraken over het stelen van een brood. En natuurlijk: het stelen van een brood is niét goed te praten. Maar…. bij een afkeurende reactie op alléén dergelijke zaken mag het dan natuurlijk niet blijven. Want dan vervallen we in het hokjesdenken van de pachters van de wijngaard en van bepaalde politici. Dan vervallen we in simplistische uitspraken, als “Bijstandstrekkers – die lichten de boel op” of “Moslims zijn fundamentalisten en terroristen” of “Alle Marokkanen zijn fout.””

Scherpenzeel, 16 maart 2014
Jeremia 26: 1-19 en Johannes 2: 13-22

“Vaak wordt de hel gesitueerd ná de dood. Maar net zoals het koninkrijk van God al onder ons is (de Bijbel spreek er zo over), zo kan ook de hel onder ons zijn.”

Ryptsjerk, 9 maart 2014
Genesis 9:8-17 en Matteus 4:1-11

“Welke stem is het die we in onszelf horen of oproepen? Wij moeten de geesten kunnen onderscheiden.
De vraagt aan ons is: Mens waar ben je ? ”

Oldeholtpade, 23 februari 2014
Exodus 22: 20-26 en Matteus 5: 33-48

“Vrijheid is – wat je doet met wat je is aangedaan.” Het is een uitspraak van de franse filosoof Jean Paul Sartre. Deze uitspraak is een mooi voorbeeld van omdenken en ook geeft die aan hoe de gelezen tekst uit de Bergrede het beste geïnterpreteerd kan worden.”

Boijl, 16 februari 2014
Deuteronomium 30:11-20 en Matteus 5: 17-26

“Nee, de houding die Jezus ons hier voorhoudt, is een uitnodigende oproep aan u en mij om dat zélf te doen. Niet met een vermanende vinger naar een ander wijzen, maar naar de boef in onszelf. Wij moeten bij onszelf te rade gaan: Met wie leef ik in onmin? Of: Wie heeft moeite met mij? ”

Oldeberkoop, 9 februari 2014
Jesaja 58: 6-10 en Matteus 5: 13-16

“Veel mensen hebben helaas moeite om af te stappen op anderen waarvan ze weten dat die in rouw zijn of anderszins verdriet hebben. Dat is jammer, want zo onthouden ze niet alleen de ánder hun mede-leven ze misgunnen ook zichzelf daardoor de diepgang van het leven. Daarom ook: wat is leven zonder meeleven; wat stelt jouw leven voor als je niet mee-leeft met anderen?”

Gieten, Hervormde kerk,
5 janurai 2014, Matteus 2: 1 – 12

“Al die Kerstvieringen, jaar-in-jaar-uit, die hebben alleen maar zin als elke keer ook Christus in onszélf opnieuw wordt geboren, zodat wij lichtdragers van hem kunnen zijn in een gebroken wereld.”

Donkerbroek, Laurenstsjerke
17 november 2013, Exodus 3:1-15 en Lucas 20: 27-38

“Ik ben er als het leven lacht.
Ik ben er voor je in de nacht.
Ik ben er in je hoogste lied.
Ik ben er als je ’t niet meer ziet.”
(Lied 934:2)

Oosterwolde, Doopsgezinde Kring
20 oktober 2013, Genesis 32:1 – 33:11

“En lukt dat niet, omdat die ander onverzoenlijk is, ook dán is er een worsteling nodig, namelijk de worsteling om de hele kwestie los te laten, je er niet meer door laten beheersen. Als de ander niet bereid is tot die ontmoeting dan moet je je verzoenen met dié situatie, hoe moeilijk ook dát is.”

Boijl, 6 oktober 2013, Lucas 17: 1-10
“Geef ons meer geloof!” Het is de vraag van de apostelen die hun eigen tekortkomingen inzien.
“Geef ons meer geloof!” Het is de erkenning van het feit dat ook wijzelf niet feilloos zijn.
“Geef ons meer geloof!” Het is het diepe verlangen om de ander weer recht in de ogen te kunnen kijken.
“Geef ons meer geloof!”

Oldeholtwolde, 29 september 2013, Lucas 16: 19-31
Krantenartikel: “Minister Teeven wil rijke vreemdelingen gemakkelijker een verblijfsvergunning geven.”
Hoe verhoudt zich dat tot het strenge algemene asielbeleid? Nederland werd steeds te vol; er was geen plaats meer in onze herberg.Maar als het ons eigenbelang dient en we er zelf beter van worden, dan….”

Oldeholtpade, 25 augustus 2013, Lucas 13: 22-30
“Deze dag is de eerste dag van de rest van ons leven. Als wij daar nu eens mee zouden beginnen: met elkaar en de anderen allemaal te zien als kinderen van God. Als we eens overboord zouden gooien al onze vooroordelen die we loslaten op mensen die anders zijn, anders denken of anders doen dan wij.”

Oldeberkoop, 18 augustus 2013, Lucas 12: 49-56
“Te zeggen dat de verwoording van een of ander dogma goddelijk is, dat getuigt van een hoge mate van grootspraak én van domheid. Grootspraak – omdat je het nogal hoog in de bol hebt als je zegt dat de woorden die door jóú zijn gezegd via jouw mond door God zélf zijn gezegd. En het is ook dom, omdat er niets dommers is dan om in discussies over allerlei zaken te reageren met: “Nee, niet door jouw mond, maar door mijn mond spreekt God. (Leo Tolstoy)”

Oosterwolde, 4 augustus 2013, Johannes 5: 1 -15
“Zo las ik in de afgelopen weken een boekje waarvan de titel luidt: Religie en het relationele zelf. De Amerikaanse godsdienstwetenschapper James Jones beschrijft daarin dat relaties met belangrijke personen in de kindertijd, dat die bepalen hoe mensen omgaan met zichzelf, met anderen en met religie.”

Else, 16 juni 2013, Lukas 7: 36-50
“Biwwe zels vri’j van fouten? Nee ! Wis en werachies niet!
Wat geft oons dan et recht en dreeg meensken veur iewig nao, as ze es verkeerd west binnen?
“Jow zunden bin je vergeven”, zegt Jezus.
Wat geft oons dan et recht om daor tegenin te gaon?”

Earnewâld, 9 juny 2013, Luks 7:11-17
Dy soan driget oerspield te wurden troch skuldgefoel. Hy kin ommers nea al dy ferwachtings wiermeitsje? Syn eigen libben stoppet dan eins al, wylst it lichamelik noch net ôfrûn is. It libben fan ‘e soan kaam net ta syn bestimming. It wie dea!”

Elsloo, 5 mei 2013, Johannes 14: 22-31
“Niet het gelóven van wat hij zegt: nee, je aan zijn woorden hóuden, dát is Jezus liefhebben. Dan komt uiteraard de vervolgvraag op: hoe houd je je aan wat Jezus zegt? Wat is daarvoor de maatstaf? En daar is eigenlijk maar één helder antwoord op te geven. Liefde, uitstralen en geven van liefde, dát is doen wat Jezus zegt.

Boijl, 21 april 2013, Johannes 10:22-39““U bent een mens, maar beweert dat u God bent!” Ze hebben niet door dat zij hetzelfde doen, door te doen voorkomen dat juist zíj precies weten wat God wil, of doet, of denkt (als God al zou kunnen willen, denken en doen).”

Earnewâld, 14 april 2013, Deuteronomium 30: 11-20
“Kieze wy yn it stimhokje bewust foar in party dy’t him ynsette wol foar de alderearmsten yn ‘e wrâld of sjokselje wy as keppelbisten efter de populaire politici oan dy’t mei ienfâldige mar sneue praatsjes it folk efter harren oan besiket te krijen?”

Elsloo, 24 maart 2013, Maruc 11: 1-11“Ik moest hierbij aan paus Fransiscus denken, die ook ervoor zorgde dat zijn introductie een minder formeel karakter kreeg; die op het balkon verschijnt en de mensen ‘goedenavond’ toewenst; die als Jezuiet – tegen de principes in – het hoogste ambt bekleedt maar dat tot nu toe wel doet in alle bescheidenheid en nederigheid.”

Oldeberkoop, 17 maart 2013, Lucas 20:9-19
“Nooit werd de naam genoemd van de Argentijn Jorge Mario Bergoglio. Een Jezuiet die eigenlijk tegen het uitvoeren van macht moet zijn en zo’n positie als paus niet zou mogen ambiëren. Juist hij was binnen de kortste keren paus; had een hoopvolle entree en doorbrak direct al strenge protocollen.
Een vergeten steen die hoeksteen werd van de Katholieke kerk.”

Oldeholtpade, 17 februari 2013, Lucas 4:1-13
“Een crisis. En dan is de roep van diverse kanten om maar flink te schrappen in ontwikkelingshulp, in de hulp dus aan de allerarmsten dus in de wereld. We kunnen het geld immers zelf goed gebruiken!? Maar uiteindelijk kies je, als je zo handelt, uiteindelijk kies je dan stenen voor brood!”

Noordwoolde, 3 feberwaori 2013, Markus 8: 22-26
“D’r ston lessend een mooie spreuk op de Stellingwarver kelinder: “Die him as schaop gedreegt, moet niet raer opkieken dat hi’j deur een wolf opvreten wodt.” Bedoeld wodden hier de meensken die bliend binnen veur de gevolgen van heur eigen wieze van leven.”

Scherpenzeel, 20 januari 2013, Johannes 2: 1-11
“Jan, sinds ik me – ook wetenschappelijk – bezighoudt met de evolutie van de mens, ben ik een en al verwondering. Het hele systeem van evolutie is een goddelijk systeem en doet mij meer dan een hokus-pokus-verhaal van 1, 2, 3 – zes dagen.”

Makkinga, 25 november 2012, Lucas 18:1-8
“Maar waar vinden we dan het bidden in haar verhaal? Welnu, dat ís die roep om recht, het is die vraag naar gerechtigheid!”

Steggerda, 11 november 2012, Marcus 12: 28-34
“Wie onder het mom van liefde tegenover God, liefdelóós handelt tegenover de naaste, die handelt dan ook in strijd met dat ene grote gebod.”

Oosterwolde, 28 oktober 2012, Marcus 10: 46-52
“De vermelding van de naam van de stad Jericho wordt hier al wat duidelijk. De omstanders hebben een dikke huid voor de schreeuw van de blinde, een huid zo dik als de muren van Jericho destijds waren die met het blazen op de ramshoorn moesten omvallen.”

Appelscha, 21 oktober 2012, 1 Koningen 19:1-18
“Wat Elia achter zich zou willen laten – zijn dienst aan de wereld – dat ligt juist nog vóór hem! “Keer terug”. Dat houdt in: ga niet verder op die foutief ingeslagen weg van doemdenken en zelfbeklag!”

Bovensmilde, 16 september 2012, Marcus 9: 14 – 29
“De ander is niet zo lang geleden
niet zo ver, zo gek nog niet.
Jij hebt jouw eigen ander
die van mij is heel dichtbij
mijn ander, dat ben jij.”

Ryptsjerk, 9 september 2012, Marcus 8:27 – 9:1
“….als wij woensdag in het stemhokje de keuze willen maken voor anderen in plaats van alleen aan ons eigen belang te denken, dan werken wij aan het koninkrijk van God, sterker nog: dat ís het koninkrijk van God.”

Scherpenzeel, 19 augustus 2012, Marcus 5: 1-20
“Veel mensen zouden hem misschien niet eens meer als ‘mens’ typeren, nee, hij is voor hen eerder ‘een geval’ geworden, een bespreekgeval.”

Oldeberkoop, 5 augustus 2012, Marcus 7: 1-23
“Hij kijkt dus niet naar kleding, naar haardracht of tatoeages, niet naar het wel of niet drie keer per dag de bijbel lezen, niet naar geleerdheid of vroomheid of kerkgang.”

Ryptsjerk, 29 juli 2012, Marcus 6: 45 – 52
“Ik moest hierbij denken aan die uitspraak van de filosoof Kierkegaard: Een predikant behoort iemand niet te helpen om zijn voeten op het droge te krijgen, maar juist om hem aan het diepe water te laten wennen.”

Oldeholtpade, 17 juni 2012, Marcus 4: 26 – 34
“Misschien ligt die groeikracht ook wel niet altijd in de kerk. Jongeren kiezen vaak andere vormen van gemeenschapszin. En daarmee hoeft niks mis te zijn, als zij maar het juiste zaadje van ons hebben meegekregen. Het gaat niet om het etiket dat me op ons dragen, maar om de inhoud van ons zieleleven en van ons handelen. Niet belangrijk is of en van welke kerk we lid zijn, maar hoe we als mensen in het leven staan en met elkaar omgaan.”

Steggerda, 13 mei 2012, Hooglied 1:1-7 en Johannes 15:9-17
“En ook wijzelf kennen onze donkere kanten. Voor onszelf kunnen we de woorden van de vrouw: “omdat de zon mij heeft verbrand”, ook met eigen schaduwkanten invullen.
“Kijk niet op mij neer, want ook ik heb een schaduwkant….”
omdat ik geen werk meer heb, omdat ik gehandicapt ben, omdat ik geen kinderen heb, omdat ik gescheiden ben, omdat ik homoseksueel ben, omdat ik in de gevangenis heb gezeten, omdat ik…..”

Else, 6 meie 2012, Matteus 22: 15-22
“Zi’j zollen opholen aanderen een minne naeme te bezorgen. Zi’j zollen niet óver aanderen praoten mar mít heur, om te begriepen wat heur beweegt. Zi’j zollen opkommen veur sociaole gerechtighied. Zi’j zollen opholen de splinter bi’j aanderen weg te haelen omreden ze heur bewust binnen van de balke in eigen oge. Zi’j zollen zien laoten waartoe et evangelie heur anzet. Om et mit de woorden van Willem Aantjes, de oold-veurman van et CDA te zeggen: “Gien behoefte an christelike poletiek? De wereld hunkert naor christelike poletiek!”

Oldeberkoop, 25 maart 2012, Johannes 12: 20-28a
“Is het werkelijk zo belangrijk of het zes scheppingsdagen waren of dat de aarde 6000 jaar geleden ontstaan of geschapen is? Gaat de kern van het geloof verloren als we dáár discussies over voeren? Juist door al die discussies over dergelijke kwesties, denkt de buitenwacht inderdaad dat dit de kern van geloven is: het voor waar houden van bijna onhoudbare standpunten. En daarmee doet men zichzelf en het geloof en de kerk te kort.”

Ryptsjerk, 18 maart 2012, Matteus 14: 13-21
“Wij hebben vaak een veel te lage dunk van onze eigen mogelijkheden. Bovendien gebruiken wij dat ook wel erg selectief en inconsequent. Als er te weinig mensen zijn om vuile arbeid te verrichten, dan halen wij mensen uit Turkije of Oost-Europa. Hebben we te maken met werkeloosheid dan is Nederland vol !”

Elsloo, 26 februari 2012, Marcus 1: 9-15
“Dit samenleven met wilde dieren, staat niet voor de eenheid van de mens met de rest van de schepping, het staat niet voor het samenleven van de mens met de wilde dieren. Nee, die dieren staan model voor de schaduwkanten van ons zélf. Het gaat niet om eenheid met de natuur buiten ons; het gaat om de vraag of de mens kan leven, met het ‘dierlijke’ in zichzelf.”

Bovensmilde, 5 februari 2012, Marcus 1: 29-39
“Wat doen wij? Zijn we navolgers van Jezus en gaan we de uitdaging aan? Zijn we bereid om als kerk, om als gelovige, of wie dan ook, zijn we bereid om nieuwe, onbekende, stappen te zetten? Zijn we bereid om ons in te zetten voor hen die we niet kennen?”

Boijl, 22 januari 2012, Jona 3
“God is niet uit, als hij al ergens op uit is, op het leed van mensen, geen verdriet. Maar soms is het nodig om de mensen klip en klaar duidelijk te maken dat ze hun eigen ondergang tegemoet gaan als ze niet anders gaan leven.”

Noordwolde, 15 januari 2012, Johannes 2:1-11
“Hoe vaak wordt er over ons gezegd of over de kerk: “Zij missen de spirit (dat is de Geest); er gaat zo weinig van hen uit. Je merkt bijna niet waardoor ze ‘geïnspireerd’ worden.” “Zij hebben geen wijn meer…….” Met andere woorden………: er ontbreekt iets ! Iets wezenlijks.”

Oldeholtwolde, 8 januari 2012, Lucas 3: 1-22
“…wie van ons leeft zó sober, dat-ie maar één stel kleren heeft? Of wie laat er anderen delen van het eten dat in de koelkast staat? Of als we het wat minder confronterend maken: Wie houdt er in het stemhokje méér rekening met de minderbedeelden, dan met de voor- en nadelen voor zichzelf van een stem?
Nee, Johannes vraagt hier dus inderdaad méér dan het gewone.”

Makkinga, 18 december 2011, Johannes 1: 19 – 28
Wie zijn wij? Wij zijn niet de messias.
En Elia? Die zijn wij ook niet.
Zijn wij de profeet? Nee, maar in ons woont iemand…..

Ryptsjerk, 6 november 2011, Matteus 25: 14 – 30
“Wie niets met het leven doet dat hem door God is toevertrouwd, wie Gods leven en dus Gods liefde aan anderen of zichzelf onthoudt, die spreekt God zelf tegen. Want leven met en uit God wil zeggen: volop leven én volop laten leven. Gods rijkdom niet in de grond verstoppen, verduisteren, maar het in het volle licht zetten, zodat ook anderen het zien en ervan profiteren. Het leven van de Levende – van God dus – dat openbaart zich in de levenden hier op aarde.”

Boijl, 23 oktober 2011, Marcus 12: 28 – 34
“Als je je rijk wilt voelen, tel dan alle zegeningen die je niet met geld kunt kopen.”

Earnewâld, 16 oktober 2011, Matteus 22: 15-22
“Mar we moatte de line fan it byld-wêzen fan God ek trochlûke. Om’t elkenien byld is fan God, wurdt ús frege dat wy dan ek elkenien lyk en rjocht dogge. Wy moatte de oar, dat is ek de keizer en dat is ek God,
yn syn wêzen litte. En dat giet slim fier.”

Makkinga, 9 oktober 2011, Matteus 22: 1 – 14
“Heilige Vader”, zo vroeg iemand eens aan paus Johannes XXIII, “heilig Vader, bestaat de hel?” “Jazeker”, gaf de paus ten antwoord, “er zit alleen niemand in.”
Kijk, dat heb je met een God die van mensen houdt. Allemaal zijn we genodigd zoals we zijn, maar dan graag wel met de goede gezindheid, de juiste levensinstelling.”

Veenhuizen, 18 september 2011, Matteus 20: 1-16
Van onze gelijkenis kunnen we leren dat er van vrede sprake is als sterken aan zwakken het beste gunnen, als de sterkste schouders ook de zwaarste lasten dragen. Vrede begint in gezinnen waar men niet tegen elkaar wordt uitgespeeld. Vrede begint in school als je niet alleen op je cijfers wordt beoordeeld. Vrede begint in de bedrijven waar niet de hoogte van het salaris de belangrijkste maatstaf is.

Oldeholtwolde, 14 augustus 2011, Matteus 15: 21-28
“Er zijn in de bijbel twee verhalen waarin Jezus buitenlanders geneest. Naast het verhaal van vanmorgen is dat ook het gedeelte over de Romeinse Centurio in Matteus 8. En in beide verhalen komen de beslissende uitspraken niet van Jezus maar van de vreemdelingen.
Dat is toch wel iets om over na te denken.”

Oosterwolde, 31 juli 2011, Matteus 14: 13-21
“Het gaat er immers om dat we de zegeningen die wij gekregen hebben en die we nog dagelijks krijgen, dat we die ook willen en kunnen delen met anderen. Ook al zijn het maar vijf broden en twee vissen. Want, het teken dat de mensenmassa verwacht komt niet – of niet alleen – van Jezus. Hij geeft juist de discipelen en dus ook ons de opdracht het teken te laten zien.”

Boijl, 19 juni 2011, Exodus 34: 1 – 9
en Matteus 28: 16 – 20

““Ga dus op weg en maak alle volken tot mijn leerlingen.” Leerling ben je….. als je in de voetsporen van de meester treedt. Leerling ben je als je Jezus wilt navolgen in zijn doen en laten. Zolang wij nog met beide benen op de grond staan is er dus werk aan de winkel.
Er is immers werk genoeg ! Veel werk ! Want……wie zal er, nu Jezus niet meer lijfelijk onder ons is, wie zal zich nu dan ontfermen over mensen
die altijd achteraan in de rij staan? Wie zal het nu nog opnemen voor vluchtelingen en asielzoekers? Wie komt er nu op voor armen en verdrukten? Wie zal er nu, in een wereld die dreigt aan individualisme ten onder te gaan, wie zal er nu de gemeenschapszin en de dienstbaarheid nog verdedigen?”

Elsloo, 5 juni 2011, 1 Samuël 12: 18 – 24
en Johannes 14: 11 – 21

“We kennen allemaal het begrip drie-eenheid. Gedoeld wordt dan op God de Vader, Jezus de Zoon en de Geest. Maar als we de woorden van Jezus goed lezen en ze ter harte nemen dan spreekt Jezus van een vier-eenheid: Vader, Zoon, Geest en ….wij, wij mensen, zijn navolgers, want: “ Dan zul je begrijpen”, zegt Jezus, “ dat ik in mijn Vader ben, dat jullie in mij zijn en dat ik in jullie ben.” ”

Appelscha, 22 mei 2011, Genesis 7:6 – 8:5
en Johannes 14: 1 – 14

“Maar het ging Jezus niet om zichzelf als persoon. Verering van zijn eigen persoon is nooit Jezus’ bedoeling geweest; het ging hem altijd om de weg die hij bewandelde. Het gaat niet zozeer om Jezus, maar om de Christusgeest in hem. Dat is de Geest waardoor hij zich liet leiden. “Geloof me”, zegt hij, “ik ben in de Vader en de Vader is in mij.” In de Vader zijn, in de Heer zijn, dat is niet Jezus ophemelen en tot een heilige maken. In de Vader zijn, wil zeggen dat je leeft – én laat leven – in de geest van Christus. Als je zo’n houding hebt dan kom je bij God.”

Else, 1 meie 2011, Genesis 8:1-17; Johannes 20: 19-31
“Poasken is dus vule meer as een tal vremde veurvalen om een eupen graf henne. Ok veur de leerlingen waren die veurvalen bliekber niet et belangriekste. Nee, et echte Paosken kwam over heur én oons henne op disse achtste dag, de dag dat God, de Heer et hatte binnen komt. Op die achtste dag nao Paosken was et veur de discipels al Pinksteren.”

Zuidhorn, 10 april 2011; Johannes 11: 1-44 (gedeelten)
“De dood lijkt vaak sterker dan het leven. Maar…..leggen wij ons daarbij neer? Of gaan we op zoek naar het wonder? In ons eigen leven? Laten wij ons door God uit onze spelonk – de doodsspelonk -halen? God stelt ons vandaag voor de keuze tussen zegen en vloek; tussen leven en dood. Kies dan het leven!”

Oldeberkoop, 27 maart 2011,
Exodus 17: 1-7 / Johannes 4: 5-26

“De Protestantse Kerk in Nederland heeft een boekje uitgegeven onder de titel “Spreken over God”. Een pastorale handreiking. Het boekje wil helpen bij het op gang brengen van gesprekken over God. Dat kan dan in gemeenten, in gespreksgroepen, huiskamerkringen en dergelijke. Opvallend is dat er geen pasklare antwoorden worden gegeven. Blijkbaar is men er zich van bewust dat eenduidige antwoorden op de vraag naar God onmogelijk zijn.”

Ryptsjerk, 20 februari 2011, Matteus 5: 33 – 48
“Van Omdenken kwam onlangs het volgende Twitterbericht: “Vrijheid is wat je doet met wat je is aangedaan.” Het is een uitspraak van de franse filosoof Jean Paul Sartre. Deze uitspraak is een mooi voorbeeld van hoe de zopas gelezen tekst uit de Bergrede het beste geïnterpreteerd kan worden.”

Appelscha, 16 januari 2011, Johannes 2: 1 – 11
“We moeten ons door de Geest van God laten bezielen zodat wij ons als medewerkers van Zijn Koninkrijk gaan opstellen. Door dagelijks bezig te zijn om de vaten tot de rand toe te vullen. Dan gaat er warmte uit van ons mensen en van ons als gemeente. Als, mede door ons toedoen, de wijn rijkelijk kan vloeien, dan wordt het nog wel eens wat met het Koninkrijk!”

Wolvege, 21 november 2010, Markus 5: 1-20
“Hi’j had nooit een thuus mar krigt d’r iene van Jezus. En dat is hiere dus niet: Volg mi’j!, mar dat is: Neem et veur jow bestaonde en bedoelde plak in de wereld in! Kom bi’j jezels!”

Makkinga, 31 oktober 2010, Genesis 32: 2 – 33: 11“Zo hebben ook wij onze verantwoordelijkheden. Als wij nog iets recht te zetten hebben uit het verleden, of dat nu erg lang of kort geleden is, dan hebben wij altijd weer de mogelijkheid om er iets aan te doen. We hoeven niet op die ander te wachten totdat die een keer komt om het weer goed te maken.”

Oldeholtwoolde, 24 oktober 2010, 1 Keuningen 19: 1-18
“Herkennen wi’j in oons leven de stemme van God? De stemme die oons anvietert uut de woestijn van oons leven te kommen en niet bi’j de pakken daele te zitten mar oonze opdracht te doen. De stemme ok die oons behudet veur zelsoverschatting, die dudelik maekt dat et niet allemaole alliend van oons ofhaankelik is? De stemme die oons uut oonze passiviteit haelt en oons anvietert om niet alliend mar of te waachten of et locht komt, mar die oons zels locht wil laoten uutstraolen naor aanderen. De stemme van God ok, die, awwe niet meer in oonszels geleuven, zegt:“Mar ik geleuve nog wel in jow!””

Noordwolde, 3 oktober 2010, Habakuk 3: 1-3; 16-19
Lucas 17: 1-10

“Want vaak is dat geïnterpreteerd als het steeds weer moeten vergeven na elke keer dat iemand zijn excuses heeft aangeboden. Maar zo eenvoudig ligt dat toch niet, gemeente. ‘Berouw’ is wat anders dan ‘excuses of spijt’. Mijn Van Dale’s woordenboek geeft als betekenis van ‘berouw’: droefheid of spijt hebben over iets “met de bijgedachte aan het ernstige verlangen naar beterschap”. En dat laatste is natuurlijk van wezenlijk belang.”

Bovensmilde, 19 september 2010, Amos 8: 4 – 7
Lucas 16: 1 – 13

“Aanstaande dinsdag horen we hoe de demissionaire regering de welvaart wil verdelen, waar ze wil bezuinigen en waar extra geld heen kan. En even later hebben we wellicht een andere, nieuwe regering Het is te hopen dat uit de troonrede en de komende regeringsverklaring, een geluid zal klinken dat ons doet denken aan de boodschap van Jezus,
namelijk dat er creatieve zorg uit spreekt over mensen die buiten de boot dreigen te vallen.”

Boyl, 12 september 2010, Exodus 32: 7-14
Lucas15: 1-10

“Het lijkt wel de titel van een boek van Dorothee Sölle: ‘Zoeken en gevonden worden.’ Zo zal het wellicht ook met de tollenaars en zondaars zijn gegaan. Zij werden door iedereen veroordeeld. Ze werden met de nek aangekeken. Maar zij zochten hun heil bij Jezus. Zij kwamen hem opzoeken — zo staat er. En aan het eind blijkt, dat Jezus hen heeft gevonden.”

Oldeberkoop, 5 september 2010, Genesis 12:1-9
Lucas 14: 25-33

“En we lezen nergens – dat God het Abram kwalijk neemt dat hij Sara en Lot zo belangrijk blijft vinden. Maar Abram neemt wél afscheid van de rest van de familie. In die zin breekt hij met zijn stam en met zijn vaderland.
Ook het gaan in Jezus’ sporen – het volgen van God is – als het goed is – een afscheid nemen: afscheid van het vertrouwde leventje en het verlaten van oude gebaande wegen. Het wordt: gaan waar geen wegen gaan.
Het is: afscheid van wat gewoon voor je was. Het wordt juist: meer doen dan het gewone.”

Steggerde, 22 augustus 2010, 1 Samuël 17: 1 – 50
“En dan zegt David niet: “Ik bin David, de zeune van Isai; zet David mar mit heufdletters in de geschiedenisboekies – ik hebbe ommes de reus een kop kleiner maekt!” Nee, zien eigen naeme nuumt hi’j niet iensen. “Ik bin de zeune van jow knecht Isai uut Bethlehem”, dat is et wat David zegt. Gien grootspraoke over himzels dus. Hi’j staot him d’r niet op veur de reus verslegen te hebben. In zien leven en uutspraoken het David daordeur zien laoten wie de echte held is: God, zién huder.”

Noordwolde, 15 augustus 2010, Jeremia 23-29
Lucas 12: 49-56

“Het is niet voor niets dat Tolstoj zei dat zijn boekje – het zopas genoemde Mijn kleine evangelie – dat het geschreven was om mensen te bieden de “Christus zonder christendom”. Hij bedoelde dus dat het evangelie van Jezus Christus zuiver en oprecht gepreekt moest worden en niet moest worden belast met allerlei dogma’s en leerstellingen die de latere kerk erbij verzonnen heeft. Die bedenksels immers hebben mensen bang gemaakt en doen afhaken. Hoe sterk verschilt dat niet met de God die Jezus ons geleerd heeft?”

Bovensmilde, 8 augustus 2010, Hebreeën 11: 1 – 16
Lucas 12: 32 – 40

“Wat is onze schat? Wat zijn onze drijfveren? Wie of wat dienen wij? Hoe leven wij? Welke traditie geven wij door aan onze kinderen of, in het algemeen, aan de jongeren van de kerk? Is dat een geloof met de nadruk op de buitenkant en op de regeltjes: Elke zondag naar de kerk, drie keer bidden per dag, elke dag twee keer uit de bijbel lezen. Dit moet en dat mag niet. Zo hoort het en dat is niet gepast…?
Willen we dat overbrengen? Zo’n instelling? Of willen wij doorgeven wat ons uiteindelijk zelf ook zal helpen en wat tot onze inspiratiebron is geworden of dat nog moet worden, namelijk een spiritueel leven?”

Boijl, 1 augustus 2010, Prediker 2: 1 – 11
Lucas 12: 13 – 21

“Want die vraag om de erfenis te delen – is dat zo’n vreemde vraag? Is dat een vraag die duidt op hebzucht en hebberigheid? Zo is deze tekst vaak wel uitgelegd: dat Jezus de vragensteller eigenlijk een reprimande geeft, zo van: “Doe toch niet zo hebberig, wees toch blij met wat je hebt!”
Maar het is maar zeer de vraag of het zo gelezen moet worden. Immers, die vraag naar de verdeling kan heel goed voortkomen uit emotionele betrokkenheid of zelfs afhankelijkheid. ”

Ryptsjerk, 25 juli 2010, Genesis 18: 20-33
Lucas 11: 1-13

“…een schitterend verhaal waarin het lijkt alsof het tussen de Heer en Abraham gaat om het verhandelen van een koe. Met handjeklap dingt Abraham steeds meer af.
Hij zegt hier niet: Uw wil geschiede. Nee, hij onderhandelt met God. En hij wijst God op zijn beloften.”

Earnewâld, 13 juny 2010, Exodus 17: 1 – 7
Johannes 4: 4 – 26

“Dy frou yn it sikehûs yn Middelburg, och, wa wit makket sy God yn ‘e himel wyt en swart it ferwyt: “Wêr wiene jo, doe’t ik sa’n ferlet fan jo hie?” En dan sil God har antwurdzje: “Ik wie der yn ‘e fersoargjende hân fan de ferpleechster; ik wie der yn ‘e blommen út namme fan ‘e tsjerke; ik wie der yn it kaartsje fan de bueren; ik wie der yn it petear datsto hân daste mei Klaas Hendrikse. Ik wie der de hieltyd, mar do woest my net sjen.””

Appelscha, 6 juni 2010, 1 Koningen 17: 17 – 24
Lucas 7: 11 – 17

“Maar stel nu eens dat Lucas in beelden heeft willen schrijven. Dat hij geen realistisch verslag geeft van iets dat echt gebeurd is, maar dat hij, als arts, beelden van leven en dood heeft gebruikt om zijn blijde boodschap van Jezus’ leven, in te verpakken. Dat deed Jezus zelf immers ook: spreken in gelijkenissen. Dan krijgen we een heel andere benadering van het verhaal. Dan zou het als volgt uitgelegd kunnen worden:”

Aduard, 30 mei 2010, Spreuken 8: 22 – 31
Johannes 3: 1 – 16

“Het Koninkrijk van God – of het eeuwig leven, dat is niet iets voor na onze dood, na dit leven. In Johannes 17 zegt Jezus daarover zelf: “Het eeuwige leven, dat is dat zij u (dat is God) kennen, de enige ware God, en hem die u gezonden hebt, Jezus Christus.” Daar gaat het dus om: dat wij in ons leven verbonden zijn met God en ons laten leiden door zijn Geest die in ons is neergedaald. Het gaat er om dat wij Jezus willen navolgen – hem die de consequenties van zijn keuze volhield tot aan zijn dood.”

Steggerda, 16 mei 2010, 1 Samuël 12: 18-24
en Johannes 14: 11-21

“Het gemis en de heimwee kunnen ook impulsen worden tot groei. En dat kan door ons open te stellen voor de Geest van God, die het mogelijk maakt open te staan voor verandering en vernieuwing. Het maakt het mogelijk om als mens te groeien in het leven en dat wij zelf onze weg kunnen gaan en van Gods liefde gaan uitdelen. Dan gaan wij verder is het spoor van Jezus. Dan schrijven wij mee aan het derde testament.”

Else, 2 meie 2010, Deuteronomium30:11-20
en 1 Korinthe 10: 23 – 11: 1

” Et verzet had ok zien foute kaanten en meensken die zonuumd ‘fout’ weren hebben soms gien vliege kwaod daon. Et past oons om bescheiden te blieven in oons oordiel. Butendat hebben meensken vaeke heur straf al had, mar wo’n ze nog vaeke mit de nekke ankeken op dingen uut et verleden.”

Elsloo, 28 februari 2010, Exodus 4: 18 – 31
en Lukas 9: 28 – 36

“Gaan wij voor eigen eer en macht, voor status en aanzien? Of willen wij door de knieën gaan voor mensen die het moeilijk hebben? Deze dag is de eerste dag van de rest van ons leven. Laten wij ons dan in deze veertigdagentijd en daarna inspireren door Jezus en kiezen voor recht en gerechtigheid, voor de kwetsbare mensen! Dan kunnen wij voor anderen een reisgenoot zijn – een metgezel – die hen door moeilijke perioden heen helpt.”

Appelscha, 7 februari 2010, Exodus 2:1-10
“En nogmaals: God? Komen we God in dit verhaal tegen? Ja ! Hij wordt weliswaar niet met name genoemd, maar we zouden – met Klaas Hendrikse – kunnen zeggen: in dit verhaal wordt duidelijk dat God gebeurt . God gebeurt door mensen die dienstbaar willen zijn aan zijn Koninkrijk. Als alle vrouwen rondom de kleine Mozes zich hadden gehouden aan de gruwelijke wetten van de Farao – hoe hadden wij dan nog een spoor van God kunnen vinden in dit verhaal?”

Oldeholtpade, 17 januari 2010, Johannes 2: 1-11
“Het wonder van Kana gebeurt pas als de dienaren, als wij dus, de vaten tot de rand toe hebben gevuld. Dat wil zeggen: als we ons uiterste best hebben gedaan. Of, zoals iemand het zei: Wie zelf zijn huiswerk niet maakt, moet niet denken dat God zal zorgen
dat hij wel een goed rapportcijfer zal krijgen.”

Makkinga, 10 januari 2010, Lucas 3: 1-22
“Wij hoeven niet per sé grote daden achter onze naam hebben staan
of bijzondere verdiensten te hebben. Nee, alleen al het ons openstellen voor God en het ontvankelijk zijn voor zijn liefdevolle Geest die ons leert geloven, hopen en liefhebben – alleen dát maakt al dat wij Gods dochters en zonen zijn.”

Elsloo, 6 december 2009, Lucas 1: 28-36
“Dit is tegelijkertijd een boodschap en opdracht voor ons. Advent is niet een verwachting in lijdzaamheid. Advent is het besef dat we in een duistere wereld leven maar dat in ons iets nieuws kan beginnen. Advent is er naar toewerken dat Christus in ons opnieuw geboren kan worden.”

Munnekezijl, 8 november 2009, Marcus 12: 28 – 34
“Als God in delen verkrijgbaar zou zijn, dan zou dat anders liggen. Als God alleen liefde zou zijn, dan zou je dat misschien met je hart wel kunnen volgen, maar je verstand sputtert tegen: want: alle ellende om ons heen dan? Als God alleen rechtvaardig zou zijn, dan zou je ziel dat van harte kunnen beamen, maar omdat je zelf wel eens steken hebt laten vallen in het leven, is het de vraag of je de rechtvaardige God zo sterk zou kunnen liefhebben. Pas als je beseft dat God één en ondeelbaar is, dat God allesomvattend is, dan pas wordt je duidelijk dat je God met heel je hart, ziel, verstand en kracht kunt liefhebben.”

Earnewâld, 1 novimber 2009, Matteus 14: 22 – 33
“It tema fan it oekumenysk wurkferbân (www.fowe.org) dit jier is ‘Religy as betwongen eangst’. Mar men soe hjir yn ús ferhaal ek konkludearje kinne dat eangst in foarm is fan betwongen religy. Petrus leaut wol, mar hy doart net oer it wetter te rinnen. Mar as Jezus him ropt – as hy him tabetrout oan Jezus dan ferdwynt syn eangst en kin syn religy, syn leauwen, folút foar it ljocht komme.”

Noordwolde, 6 september 2009, Marcus 8: 27 – 9: 1
“Er zijn nogal wat mensen die zeggen dat, als je in Jezus gelooft, dat dan al je problemen opgelost zullen worden. Als je echt goed gelooft en goed bidt, zo zeggen ze, dan zul je van ziekte genezen, en als je werkeloos bent zul je weer werk krijgen. Het lijkt er op alsof men dan gevrijwaard zal zijn van allerlei ellende. Ik heb enorm veel moeite met dergelijke uitspraken. Te vaak heb ik mensen gezien die oprecht geloofden, die bij de klippen op tot God baden, maar toch niet beter werden. Die uitspraken kunnen zelfs veel leed veroorzaken.”

Earnewâld, 16 augustus 2009, Micha 6: 1-8
“Yn Earnewâld….!
Dat is gjin hammer mar in mokerslach foar it folk fan Lachis. Dat komt hurd oan; earst koene se harren noch wol feilich fiele omút it ûnheil oer oare folken útsprutsen wie om’t de Swarte Pyt by de buorlju lei, om’t sy ferkearde dingen dienen. Mar as it tichteby komt, ja dan wurdt it doch wat oars. De minsken fan Lachis, sy fiele harren persoanlik oansprutsen.”

Aduard, 9 augustus 2009, Marcus 7: 24 – 30
“Deze vrouw zet Jezus weer op het rechte spoor. Hij laat zich door haar van een blinde vlek genezen. Jezus was daar in het buitenland, misschien op vakantie, wellicht wat leeg en ongeïnspireerd – moe van alles wat hij heeft meegemaakt – tót zijn liefde door deze vrouw weer wordt gewekt; dat is: weer tot leven gebracht.
Deze Syro-Fenicische heeft van Jezus weer een ander mens gemaakt; ze heeft van hem weer de oude Jezus gemaakt; en hij pakt zijn oude gewoonte gelukkig direct weer op en zegt: ‘Dat hebt u goed gezegd. Ga naar huis, de demon heeft uw dochter al verlaten.’

Augustinusga, 2 augustus 2009, Marcus 7: 1 – 23
en Deuteronomium 10: 12 – 21

“Belangrijk is dus de constatering, dat we aan de buitenkant niet zien -zelfs niet kunnen zien – wat er binnen in een mens precies leeft. Maar juist dat wat in het hart van een mens leeft, dat is voor Jezus maatgevend. De menselijke waardigheid is voor Jezus van buitenaf onaantastbaar. Hij kijkt dus niet naar kleding, naar haardracht of tatoeages, niet naar het wel of niet drie keer per dag de bijbel lezen niet naar geleerdheid of vroomheid. Nee, in Deuteronomium lazen we al: �God handelt zonder aanzien des persoons en is onomkoopbaar.�”

Munnekezijl, 26 juli 2009, Marcus 6: 45-52
“Mensen vragen wel eens: Heeft Jezus �cht over dat water gelopen? Maar als we ons daar druk over gaan maken, dan missen we de boodschap waar het in het evangelie eigenlijk om gaat. ”

Noordwolde, 21 juni 2009, Marcus 4: 35 – 41
“Het probleem bij veel mensen is echter dat de angsten die ze hebben, gestoeld zijn op angst voor God. Zij hebben een �God der wrake� voor ogen. Anselm Gr�n, de Duitse benedictijner monnik, zegt daarover: �Telkens wanneer God angst aanjaagt, is het niet de God van Jezus Christus, maar een demonisch godsbeeld dat wij in ons dragen. De God van Jezus Christus treedt ons tegemoet als Degene die de angst voor alles wat demonisch en bedreigend is, juist van ons wegneemt.� Tot zover Anselm Gr�n.”

Munnekezijl, 14 juni 2009, Marcus 4: 26 – 34
“Vertrouwen hebben! Daar gaat het om in dit gedeelte. Je geen zorgen maken voor dingen die je niet kunt be�nvloeden. Dingen waar je zelf wat aan kunt doen, die moet je aanpakken. Zoals de boer moet zaaien en later moet oogsten. Maar op het proces er tussenin heeft hij geen invloed. Daar moet hij vertrouwen hebben.”

Zwaagwesteinde, 7 juni 2009, Romeinen 8: 1 – 17
” Wij moeten loskomen van alles wat tussen God en ons in staat. Wij moeten de rust nemen om tot bezinning en tot inzicht te komen. De stilte zoeken en ons dan openstellen voor de Geest van God. Mediteren, of zo u wilt: �in stilte bidden�, is niets anders dan in je hart en ziel ruimte scheppen voor God.”

Else, 3 meie 2009, Markus 8: 22-26
“De bliende is an et begin van et verhael nog in zien oolde doen, in zien �oolde leven�, et leven zunder inzicht, in Betsa�da. Now hi�j weer genezen is, now hi�j verlochtet is, now mag hi�j niet weerommevalen op zien oolde leven, zien d�rp. Hi�j moet naor huus gaon, naor zien bestemming, et plak waor hi�j thuusheurt.”

Ni’jhooltpae, 26 april 2009, Marcus 5: 1-20
“De wildeman hoeft him ni�t of te vraogen wat hi�j doen moet of hoe of wat hi�j geleuven moet. De vraoge is: Wie bi�j� warkelik zels? Niet uutgaonde van verwaachtings die aanderen van jow hebben en rollen die aanderen jow in et leven opdringen. Niet: wie moej� wezen, mar: Wie bin ie ??”

Assen, 5 april 2009, Marcus 11:1-11 en Marcus 14: 3-9
“De vrouw in het verhaal vond tegenstand van anderen maar zij aanvaardde de Geest die naar het leven leidt en wist daarmee het duivelse stemmetje te weerstaan. Het stemmetje dat roept: �onbegonnen werk, zinloos, niet effici�nt.� Die stem werd door de vrouw tot zwijgen gebracht. En in de stilte die daardoor ontstond, ontmoetten zij en God elkaar. Wij gaan zo meteen de �Stille� Week in, een periode van bezinning waarin we kunnen proberen in ons de juiste stem tot leven te wekken.”

Boyl, 29 maart 2009, Johannes 12: 20-33
en Jeremia 31: 31-34

“De graankorrel waar Jezus over spreekt,
die is het beeld van loslaten en overgave.
Het is de natuurlijke cyclus die bij de graankorrel thuishoort.
En Jezus gebruikt die metafoor van de graankorrel
om ons te laten zien hoe wij zouden moeten leven.
Loslaten � dus niet krampachtig vasthouden aan ons leventje;
en overgave � dat is heel bewust de weg van God gaan.”

Zwaagwesteinde, 22 februari 2009, Marcus 2: 1-12
en Jesaja 43: 18 – 25

“En Jezus maakt zich totaal niet druk om dat kapotte dak. Hij heeft namelijk een ander perspectief: niet materialisme, maar humanisme, dat is menslievendheid. En dat noemt Jezus hier dus het geloof. Jezus vraagt niet naar het uitspreken van een geloofsbelijdenis, hij vraagt niet of de mensen de bijbel wel letterlijk nemen, hij vraagt zelfs niet aan de man of die om vergeving wil vragen. Nee, aan het vertrouwen dat de vier vrienden en de verlamde uitstralen ziet hij het geloof dat zij van binnen hebben en daarom zegt hij tegen de verlamde dat z�n zonden zijn vergeven.”

Noordwolde, 8 februari 2009, Marcus 1: 29-39
en 2 Koningen 4: 18-21 en 32-37
“..men komt dus uit de synagoge en gaat vandaar rechtstreeks naar het huis van Simon en Andreas. Dat is toch een mooi beeld: vanuit de kerk de wereld in trekken. Geen scheiding maken dus tussen aan de ene kant : geloven en aan de andere kant: in de wereld staan ! Het woord moet niet alleen geh��rd worden � het moet ook ged��n worden. Geloven is een werkwoord. ”

Augustnusga, 18 januari 2009, Jona 3
(en Johannes 2: 1-11)

“God wil niet onze ondergang, onze mislukking. Maar er verandert pas wat aan zo�n situatie als wij tot inkeer komen. En dan kunnen we wel zeggen dat veranderen toch heel moeilijk is. Maar in het kleine hoofdstuk drie van Jona hebben we gezien dat verandering wel degelijk mogelijk is. Alle spelers in dit hoofdstuk veranderen; zelfs God.”

Assen, 7 december 2008, Johannes 1: 19 – 28
(en Jesaja 40: 1 – 11)

“……iets heel onverwachts, namelijk dat wij ons in het leven ook kunnen opstellen als degene waarvan iets verwacht w�rdt, waarnaar wordt uitgezien. Als degene die zich als verbondgenoot opstelt. Bondgenoot van de mensen, die in een woestijn leven: ruimte bieden voor vreemdelingen, een kleed voor de naakte, bezoek voor de zieke en gevangene. Wij zouden ons kunnen opstellen als degene die een oase wil zijn in de woestijn van het leven van anderen. Die �brood en water� verandert in �vruchten en wijn�.”

Wolvege, 9-11-2008, 1 Keuningen 19: 1 – 18
“Pattie hebben d�r mit de ankommende feestdaegen meer last van dan aanders en daenken: ik bin over, ik bin ienzem, wie het nog ommedaenken om mi�j? Wi�j luusteren dan naor de stemme van Izebel in oons � trek je weeromme, vlocht, gao et kontakt mit aanderen uut de weg� in plaets van dawwe luusteren naor God die oons toch in de vri�jhied en in de ruumte zetten wil, alhoewel hi�j ok wel in oons teleursteld wezen zal.”

Leens, 9-11-2008, Matteus 25: 14 – 30
“Vaak is deze gelijkenis zo uitgelegd dat onder �talenten� verstaan moest worden: onze mogelijkheden, onze aanleg: een talent voor dit of dat. En de ene mens heeft nu eenmaal meer talenten gekregen dan de ander, zeggen we dan. Maar als we goed lezen, dan gaat het daar helemaal niet om! Jezus bedoelt wat anders. De talenten samen zijn namelijk het bezit van de heer. Die talenten die de dienaren ontvangen staan dus ni�t model voor onze eigen capaciteiten, maar voor het leven dat we van God hebben gekregen.”

Augustinusga, 2-11-2008, Lukas 10: 25-37
“”Niet de dogmaticus en niet de fundamentalist, dus niet de mensen die de bijbelteksten goed kennen, die de regeltjes uit hun hoofd kennen, worden hier als voorbeeldige goede mensen opgevoerd. Nee, het in dit verhaal bij Jezus de Samaritaan – die door de wetgeleerde als heiden wordt bestempeld �
hij wordt ten voorbeeld gesteld aan de wetgeleerde. Hij was de naaste van het slachtoffer.

Veenhuizen, 19-10-2008, Micha 6: 1-8
“Men stelt allemaal extreme offers voor ! Maar voor mensen die zichzelf verrijken aan de bezittingen van anderen � voor mensen die zelfs bereid zijn hun eerstgeborenen te offeren � voor zulke mensen zijn dat soort offers geen �chte offers. Het �chte offer zou inhouden: recht te doen, trouw te betrachten en nederig de weg te gaan van God. Kortom: men moet het gedr�g veranderen. ”

Aduard, 12-10-2008, Jesaja 25: 1-9 en Matteus 22: 1-14
“Maar wel wordt van ons gevraagd dat we met vallen en opstaan proberen op zo�n manier te leven dat de gastheer blij is met onze komst. Een gastheer die zeer ruimhartig is. Zo ruimhartig als Jezus was tegenover hoeren en tollenaars.
�Heilige Vader�, zo vroeg iemand eens aan paus Johannes XXIII, �heilig Vader, bestaat de hel?� �Jazeker�, gaf de paus ten antwoord, �er zit alleen niemand in.�”

Steggerda, 28-09-2008, Exechi�l 18: 1-4; 25-32
Matteus 21: 23-32

“Opvallend is dat geen van beide zoons in de gelijkenis wordt veroordeeld. Wie wel veroordeeld worden, dat zijn de hogepriesters en de oudsten. Zij die Jezus door een strikvraag klem willen krijgen. Zij die mooie woorden spreken en halleluja roepen maar die niet doen wat God van hen vraagt.
God de Vader vraagt ons: �Jongen, meisje, ga vandaag in de wijngaard aan het werk.�
En wij, wat antwoorden wij? En belangrijker: wat doen wij?”

Earnew�ld, 7-09-2008, Matteus 13: 24-30 en 36-43
en Job 2: 1-10

“At wy sa op �s libben weromsjen kinne, yn it besef dat der in soart goed wie, mar tagelyks mei de earlike konstatearring dat der ek ferkearde saken yn �ssels wienen � en at we dat dwaan kinne yn it leauwen dat God �s derom noch net falle lit � dan kin rest en frede him delsette yn �s libben, yn �s hert.”

Noordwolde, 17-08-2008, Jesaja 56: 1-7
en Matteus 15: 21-28

“En Jezus antwoordt de leerlingen dat hij alleen is gekomen voor de verloren schapen van het volk Isra�l. Dat klinkt een beetje als: Eigen volk eerst � of n�g erger: all��n eigen volk ! En daarmee verloochent Jezus eigenlijk zijn afkomst. Hij kende toch ook de woorden uit Jesaja: �Mijn tempel zal heten: �Huis van gebed voor alle volken��. Hoe kan Hij dan nu zo op deze vrouw reageren?
Want, zo zal ook de vrouw gedacht hebben: het leed houdt toch niet op bij de landsgrenzen van Isra�l ?”

Boijl, 10-08-2008, Handelingen 9: 32-43
en Johannes 5: 2-13

“Genezingsverhalen, gemeente, zijn in de bijbel vaak verhalen over mensen die genezen worden van de pijn die het leven heeft opgeroepen. Wat hen is overkomen, dat verlamt hen na die genezing niet meer. Ze kunnen het loslaten en ze zien weer mogelijkheden om de touwtjes van het leven zelf in handen te nemen. En dat leven houdt dan vervolgens in: je angsten overwinnen, weer hoop en vertrouwen kunnen hebben in de toekomst. Dat leven houdt in: niet bij de pakken neerzitten, maar actief worden en niet te lang bij de ellende stil blijven staan.”

Zwaagwesteinde, 3-8-2008, Marcus 5: 1 – 20
“Deze zieke heeft zijn ziekte nodig: hij is er afhankelijk van geworden.
Hij is dan wellicht hang voor zijn ziekte, maar meer nog voor de bevrijding ervan. En om beter te worden moet je inderdaad vaak eerst door een hel. Mensen die in therapie geweest zijn weten daar alles van.
Je komt met een probleem hij de therapeut; maar voordat je van het probleem af bent moet eerst alles wat jou knecht en knoeit uitgedreven worden en dat moet je dan dus eerst allemaal verwerken. Veel heeft te maken met angst, angst voor jezelf en angst voor de mening van anderen.
Soren Kierkegaard, de Deense filosoof heeft geschreven: Mensen zijn niet alleen bang omdat ze zondig zijn, maar als het erop aan komt zijn mensen zondig omdat ze bang zijn en daardoor niet zichzelf zijn. ”

Oosterwolde, 20-07-2008, Matteus 13: 24-30 en 36-43
en Job 2: 1-10

“Wat is uw, jouw en mijn onkruid? Het onkruid in onszelf en het onkruid dat anderen in ons leven hebben gezaaid? Kunnen wij het geduld opbrengen om te accepteren dat het bij ons leven hoort? En kunnen we het in alle rust, zonder gevoelens van wrok of van schaamte, aan God voorleggen, het in gedachten verbranden en achter ons laten?
Als we dat doen, dan brengt God ons als graan bijeen in zijn schuur, een nieuwe hemel van liefde, om onze tranen heen! (Tussentijds 36: 3)”

Makkinga, 15-06-2008, Matteus 9: 35 – 10: 10
en Jesaja 12: 1 – 6)

“Ook wij kunnen zo doen aan barmhartigheid door ons in te zetten voor onze naaste. En di� zending kunnen we al bedrijven zonder een verre reis te maken. Die begint om de hoek – straks direct als we buiten komen of misschien zelfs al hier in de kerkbank.
Als alles in ons bewogen is om mensen dan zijn wij dele van Gods ontferming, dan trekt God met ons mee en wij met God”

Augustinusga, 08-06-2008, Matteus 9: 9-13
en Jesaja 57: 14-19

�Barmhartigheid wil ik, geen offers�, zegt Jezus. Met andere woorden: �Ik wil van jullie, Farizee�n, geen wettisch gedrag zien, geen letterknechterij of dogmatisme. Want dat komt namelijk griezelig dicht bij mensenoffers. Wat ik wil, is dat jullie die man daar niet zien als tollenaar; als iemand die je lekker op de vingers kunt tikken, iemand die z�n leven moet verbeteren. Ik wil dat jullie hem zien als een man van vlees en bloed met z�n tekortkomingen maar ook z�n goede dingen, net zoals jullie zelf.�

Noordwolde, 01-06-2008, Matteus 7: 15-27
en Deuternomium 11: 18-28

“Aan ons is de keuze, zodanig te leven dat we de goede keuze maken. Als we dat doen, dan kunnen we niet en mogen we niet verwachten dat ons leven vanaf dat moment wel op rolletjes zal lopen, en dat we niet meer met ru�nes in ons leven geconfronteerd worden. Maar dan kunnen we er wel op vertrouwen dat het God is die ons dan, juist d�n, op handen zal dragen.”

Tytsjerk, 18-05-2008, Matteus 28: 16-20
“De ervaringen van Abraham, de tocht uit Egypte, Mozes op de berg, het optreden van de profeten, het waren mensen van geloof die d��r het geloof al die bijzondere momenten herkenden en opschreven: �dit is onze God!� Zo groeide het geloof in God als een vader, een vader voor zijn volk. Een God die een Verbond met ons sluit.”

Steggerda, 4-05-2008, Deuteronomium 30: 11-20
en 1 Korinthe 10:23 – 11:1

“Door rekening te houden met het geweten van die ander beperk je immers ni�t jouw eigen vrijheid. Je maakt er dan juist optimaal gebruik van. Als je zelf alleen maar gevangen zit in jouw eigen standpunten. dan zou je wellicht kwetsende woorden of daden gebruiken. Maar je kunt jouw vrijheid optimaal benutten door een andere keuze te maken. Echte vrijheid is namelijk ook vrij zijn van jouw eigen dogma�s. Vrijheid wil namelijk niet zeggen de mogelijkheid om al je grillen maar te verwezenlijken. Vrijheid is de mogelijkheid om te kiezen.”

Steggerda, 1-05-2008, Hemelvaart, Lucas 24: 44-53
“Wat valt er eigenlijk te vieren vandaag? Dat was de vraag aan het begin. Het antwoord is. Dat wij in de geest van Jezus ons aan elkaar kunnen optrekken om zo elkaar en anderen tot zegen te zijn. Dan is hij altijd in ons midden.”

Hijken, 20-04-2008, Johannes 14: 1-14
“Het gaat er niet om wie je bent of wat je met de mond belijdt. Het gaat er om wat je doet. Het gaat om de weg die je volgt. En als dat dezelfde weg is die ook Jezus volgde dan leidt ons dat naar een huis met veel kamers. Voor iedereen is plaats.
�Ik ben de weg� dat is geen uitspraak die mensen uitsluit omdat ze geen christen zijn. Het is een uitspraak die mensen omarmt en ontvangt in het Vaderhuis als ze dezelfde weg gaan die Jezus is gegaan.”

Veenhuizen, 30-03-2008, Johannes 20: 19-31
“En wat in dit verhaal opvalt is, dat de andere leerlingen Tomas zijn twijfel en zijn kritische houding gunnen. Zij eisten niet van hem dat hij geloofde wat zij geloofden. Ook wordt hij niet genegeerd of buitengesloten als ongelovige. Want twijfel is juist een teken dat je intensief bezig bent met het geloof. Hij, Tomas, mag zichzelf zijn en blijven. De andere leerlingen gunnen hem de tijd en de ruimte om tot met zijn geloof te worstelen.”

Augustinusga, 09-03-2008, Johannes 11: 1-4 en 17-44
“Opstaan uit de dood – kan dat eigenlijk wel? Veel mensen hebben hun geloof verloren omdat ze de ervaring hebben dat je de dingen uit de bijbel
alleen maar letterlijk mag nemen, terwijl ze dat niet kunnen. Zij vragen zich af wat voor hun leven de meerwaarde van de bijbelse verhalen is als ze het all��n maar op een dogmatische manier mogen lezen. Het is jammer dat veel van die mensen de kerk – en soms ook het geloof – voorgoed vaarwel hebben gezegd omdat ze geen ruimte kregen voor h�n manier van geloven. ”

Noordwolde, 24-02-2008,
Exodus 17:1-7 en Johannes 4: 5-26

“Jezus overbrugt in zijn houding de kloof tussen de berg en Jeruzalem. Hij overbrugt de kloof tussen de Joden en de Samaritanen. Zo handelde hij in de Geest van God.
Tussen die twee geloven op die berg, daar sliep niet de duivel tussen. Daar liep God tussen. Op die berg, bij die ontmoeting tussen Jezus en de Samaritaanse vrouw daar was God aanwezig. God was daar niet aan te wijzen � Hij gebeurde!
�Want God is Geest�, zegt Jezus tegen de vrouw. ”

Else, 10-02-2008, Genesis 2:15-3:9 en Matteus 4:1-11
“Mar doe reup God de meenske: Waor bi�j�? (Genesis 3:9)
Dat is zoe�n soort van stemme van et geweten. Die stemme die wi�j mit riegelmaot heuren kunnen. Mar een stemme ok, die we pattietoeren liever niet willen heuren! Et is de stemme die oons wist op onze veraantwoordelikhied. De stemme die in oons r�pt: Waor bin ie – as meensken jow hulpe van neude binnen? Waor bin ie – as de karkelike funkties onbezet blieven? Waor bin is � aj� et rooie stempotlood in de haand hebben? Wat veur keuzes maek ie � aj� de verleiding vulen tussen goed en kwaod? Doe Jezus in de woestijn, op de tempel en op de barg veur die verleidings kwam te staon, doe was et niet alliend die verleiding, die op him ofkwam. Hi�j heurde toegelieke ok die stemme van God: Waor bi�j�?….. ”

Aduard, 20-1-2008, Jesaja 62:1-5; Johannes 2:1-11
“Collega�s vragen me wel eens: �Geloof jij nu – dat al die onzin, die in de bijbel staat – geloof jij nu dat dat allemaal letterlijk zo gebeurd is?� Mijn reactie is dan altijd, dat ik het g��n onzin vind, dat ik het gel��f, maar dat ik het niet belangrijk vind of het wel of niet letterlijk zo is gebeurd, zoals het er staat.
Want waar het om gaat is, dat wij de boodschap die uit de bijbelverhalen naar voren komt, dat wij die kunnen toepassen op ons leven van alledag. En vaak hebben Bijbelverhalen daarom m��r betekenis voor me als ik ze ni�t letterlijk hoef te nemen, maar er iets nieuws in mag lezen – als handreiking voor mijn dagelijks leven.”

Zwaagwesteinde 9-12-2007,
Jesaja 2:1-5 en Lucas 21: 25-36

“Maar we moeten oppassen dat die troostende gedachten (uit Jesaja 2) ons tegelijkertijd niet afleiden van het hier en nu. Als iedereen lui achterover gaat leunen totdat de zwaarden zijn omgesmeed tot ploegscharen, ja, dan wordt het nooit wat met dat Koninkrijk van God. Aandachtig leven houdt niet in: lijdzaam afwachten, maar het aannemen van een actief wakende houding.”

Noordwolde en Oosterwolde, 2-12-2007
Jesaja 2: 1-5 en Mattheus 24: 32-44

“Wij mogen uitzien naar de komst van Jezus. Het is immers Advent! Maar dat houdt in dat wij bereid moeten zijn hem dagelijks in ons opnieuw geboren te laten worden en hem ook in anderen te herkennen.
Wat houdt ons nog tegen om �aandachtig� te leven?
Deze dag is de eerste dag van de rest van ons leven. ”

Adventskerk – Assen, 18-11-2007, Lucas 20: 27-38
Zo mocht ook Mozes van God horen, dat het wel goed zou komen. Zo mogen ook wij erop vertrouwen dat het goed komt. En dus mogen ook wij stenen verleggen in de rivier op aarde en daardoor bouwvakkers zijn
in dienst van het Koninkrijk van God. We hoeven niet bang te zijn dat we er alleen voor staan. �Ik ben� is met ons. Ik ben de vader van Abraham, Izaak en Jacob. Het was hun lichaam dat zij achterlieten maar dood zijn ze pas als God hen is vergeten.

Ik ben de vader van Abraham, Izaak en Jacob. Deze doden: zij leven bij God. Maar: ik ben ook jouw God, Mozes.
Wij leven in een verhaal van God met mensen
een verhaal waar geen einde aan komt.

Appelscha, 11-11-2007, Lucas 19: 41-48
“Hoe ga ik om met mensen die anders denken dan ikzelf? Verklaar ik mijn visie, mijn geloof, mijn kerk of zelfs mijn eigen kerkgebouw als heilig? Of laat ik mij inspireren door het voorbeeld van Jezus? �Mijn huis moet een huis van gebed zijn,� maar jullie hebben er een rovershol van gemaakt!� �
Het is goed om zo nu en dan een periode van bezinning te hebben. Dat kan door er elke dag een half uurtje voor te nemen. Het kan door een weekend per jaar het kloosterleven te proeven. Of gewoon door eens een stevige boswandeling te maken. Bezinning op je leven; wat heb ik er van gemaakt en wat wil ik er nog van maken.
Maar ook bezinning om onze tempel, ons leven te zuiveren, zodat ons leven een huis van gebed kan zijn. Stil zijn, tot we Gods stem horen.
Dan woont God misschien wel in u en in mij.”

Assen-Adventskerk, 21-10-2007, Lucas 18: 1-8
“Zo hebben ook wij, of mensen om ons heen eigen littekens overgehouden aan de worstelingen in het leven:
Verkeerde keuzes die we hebben gemaakt en die anderen of onszelf hebben beschadigd; onrecht dat ons is aangedaan; een lichamelijke of een psychische ziekte; een gebroken relatie of het ontbr�ken van een relatie; geen contact meer tussen ouders en kinderen; ongewilde kinderloosheid; of het verlies van een dierbare�..
Littekens die vragen opgeroepen: �Waarom? Hoe lang nog? Is dit liefde? Waar bent u God?� En dan komt als vanzelf ook de vraag van Gerard Reve naar boven: �Dat Koninkrijk van U, wordt dat nog wat?� �Maar�.. �, vragen mensen zich af, ��is dat geen godslastering?� �Mag je je wel zo kritisch opstellen tegenover God?� Welnu, Jezus heeft in deze gelijkenis duidelijk gemaakt dat een kritische opstelling, dat een voortdurend roepen om recht, juist noodzakelijk is.”

Ryptsjerk, 14-10-2007, Lucas 17: 11-19
“Van de Samaritaan kunnen we leren dankbaar te zijn.
Van Jezus kunnen we leren te vragen waar iets vandaan komt en dat ons geloof pas blijkt uit onze dankbaarheid.”

Makkinga, 23-09-2007, Lucas 16: 1-13
“”Misschien valt er in die zin ook wel wat uit deze gelijkenis te leren: De rentmeester nam het niet zo nauw met de regeltjes met de kleine lettertjes uit zijn contract, maar werd geprezen omdat hij er creatief mee om ging. En waarom? Hij zorgde juist voor verlichting van de lasten van de armen. D�t is de kern van deze gelijkenis.
Ook wij moeten de creativiteit aan de dag leggen waardoor we heilzaam bezig kunnen zijn in de wereld. Heilzaam voor de zwakkeren, de armen, de gediscrimineerden. Heilzaam voor de mensen die over de tong gaan, of die gepest worden.

Steggerda, 16-09-2007, Lucas 15: 1-10
“Ik las ook ergens dat het vreemde gelijkenissen zijn, want de herder – en de vrouw die haar muntstuk terugvindt – zij nodigen buren en vrienden of vriendinnen uit – zo meldde de schrijver – om feest te vieren. En dat feest kostte waarschijnlijk meer dan de waarde van een schaap of van die ene drachme. Maar die schrijver van deze opmerkingen heeft niet goed gelezen. Er staat beide keren alleen maar dat de herder en de vrouw die anderen uitnodigen met de opmerking: �Deel in mijn vreugde!�
In onze maatschappij wordt bij vreugde direct gedacht aan grote partijen en feestjes met drankjes en hapjes. Wij zijn het verleerd om gewoon plezier te kunnen hebben en vreugde te hebben zonder al die toeters en bellen. En vanuit dat perspectief lezen we in zo�n verhaal zaken die er helemaal niet staan.”

Zwaagwesteinde, 09-09-2007, Lucas 14: 25-33
“Als God niet de eerste keuze is, dan wordt dat iets of iemand anders. In plaats van God te dienen is de kans dan groot dat een afgod wordt gediend.
En hoe je ook je best moet doen om met ieder in vrede te leven en je ouders lief te hebben en je man of vrouw aan te hangen � je moet wel oppassen dat ook die relaties je niet in de macht krijgen en je afhouden van jouw weg ten leven. Het gaat dus niet om het feitelijk haten of breken zoals dat in onze tegenwoordige tijd wordt opgevat.”

Noordwolde, 02-09-2007, Lucas 14: 1 en 7-14
“Wat mij betreft zit er ook in dit advies van Jezus n�g weer een diepere betekenislaag verborgen. Want, als wij, die het goed hebben, de mindere plaatsen gaan bezetten dan blijven er voor de mensen aan de onderkant van de samenleving alleen maar de b�tere plekken over. Dan kunnen ook zij – die daarvoor nooit in aanmerking komen – eens ervaren hoe het is om niet altijd de minste te hoeven zijn.
Dan werken wij dus mee aan het Koninkrijk van God, waar vele eersten de laatsten en vele laatsten de eersten zullen zijn.”

Steggerde, 26-08-2007, Marcus 5: 1-20 (Stellingwarfs)
“Een tegendraods verhael!
Et veuruutzicht op een bevri�jding vuult de man as een anslag op zien leven. Eerst was hi�j veroordield tot een bekneld leven � now liekt et d�r op dat hi�j veroordield wodt om vri�j te wezen. Daoromme het Jezus muuite him te genezen.”

Hijken, 12-08-2007, Lucas 12: 32-40
“Welke traditie geven wij door aan onze kinderen aan de jongeren van de kerk? Is dat als met het doorgeven van die doos van de traditie die we kregen en die we ongeopend aan de kinderen doorgeven?
Die doos met op de buitenkant wat regeltjes: Twee keer per zondag naar de kerk, drie keer bidden per dag, elke dag twee keer uit de bijbel lezen. Dit mo�t en dat m�g niet.
Of hebben we de doos wel geopend en hebben we daar kennis gemaakt met de geestkracht van Jezus die tot onze inspiratiebron is geworden?” die “leidt tot een spiritueel leven; tot warmte en hartstocht voor de ander en met name voor de mensen in de goot van de samenleving.”

Kortehemmen, 5-08-2007, Lucas 12: 13-21
De laatste zin van Jezus in dit hoofdstuk is: �Zo vergaat het iemand die schatten verzamelt voor zichzelf, maar niet rijk is bij God.� Dat laatste deel van de zin hoort er wel bij. Het gaat er niet om dat mensen niet blij mogen zijn met hun bezit, dat ze niet zouden mogen genieten van het leven. Maar als ze tegelijkertijd ni�t rijk zijn bij God, dan zijn ze in Jezus� woorden Dwaas !

Boijl, 29 juli 2007, Lucas 11:1-13
Opvallend is dat het gebed bij Lukas begint met: �Vader�, en dus niet met �Onze Vader�. Het lijkt er op dat wij ons God niet mogelijk toe-eigenen. God wil niet alleen �nze God zijn. Hij (of zij) wil God zijn voor �lle mensen.

Earnew�ld, 24 juny 2007, 1 Keningen 19: 1-18
Werkenne wy de stimme fan God yn �s libben? De stimme dy�t �s oanfitert �t de woestyn fan �s libben te kommen en de moedfearren net hingje te litten
mar �s opdracht troch te setten? De stimme ek dy�t �s behoedet foar oermoed, dy�t d�dlik makket dat it allegearre net allinne �fhinklik is fan �ssels? De stim dy�t �s �t de passiviteit helje wol. De stimme fan God ek,
dy�t, at wy net mear yn �ssels en it libben leauwe, seit:�Mar ik leau noch wol yn dy !�
�Dyn wurk giet troch Elia, it is allegearre net foar neat west !�
En foar Elia komt no de �ttocht �t �e woestyn. De befrijing ! En Elia giet !
Dat kin wy ek dwaan: gean foar it libben sa�t God it foar �s yn it sin hie.

Oosterwolde, 17 juni 2007, Lucas 7: 36 – 8: 3
�Daarom zeg ik je�, zegt Jezus, �haar zonden zijn haar vergeven, al waren het er vele, want ze heeft veel liefde betoond.�
De vrouw hoeft geen geloofsbelijdenis uit te spreken.
Ze hoeft geen leerstellingen te onderschrijven.
Ze hoeft geen schuldbekentenis af te leggen.
Ze spreekt zelfs helemaal niet in dit verhaal.
Nee, het �betonen van liefde� is voldoende voor vergeving.

Steggerda, 10 juni 2007, Lucas 7: 11-17
Maar de uitspraak van Jezus: �Weeklaag niet meer!� kan ook anders worden gehoord, dan als een troostende en medelijdende manier. Nu kunnen we het opvatten als: �Lieve vrouw: houd er mee op uw eigen levensgeluk afhankelijk te maken van een ander � van uw zoon. Denk niet dat uw bestaan alleen levensvatbaar is hem. U zult moeten proberen op eigen benen te staan en uw levensgeluk te vinden in uw eigen levensinvulling�
De vrouw krijgt te horen dat �opvoeden� ook �loslaten� betekent. �Begeleiding naar volwassenheid� betekent ook: ruimte geven. Ruimte geven aan jezelf om zelf voluit te leven. En ruimte geven aan de ander om zijn of haar leven te kunnen leven.

Jorwerd, 20 mei 2007, Marcus 5: 1-20
Mar dan freget Jezus de man nei syn namme: hoe hjitsto?
Yn Isra�l wie dat de wize om te freegjen wa�t immen as minske wie.
Alwer in terapeutysk gegeven: Wa bisto eins? Wat libbet der yn dy?
De man hoecht him net of te freegjen wat er dwaan moat of hoe�t er w�ze of leauwe moat.
Nee, de fraach is: wa bisto eins sels: net �tgeande fan ferwachtings dy�t oaren fan dy ha en rollen dy�t oaren dy yn it libben opdringe.
Net: wa moatsto w�ze, mar: wa bisto ??

Noordwolde, 6 mei 2005, Handelingen 11: 19-30
Veel mensen gingen inderdaad over tot het geloof in die Heer. En iedereen werd aangespoord trouw te blijven aan die Heer. Maar wat kenmerkt dan die Heer? Waar staat die Jezus dan voor?
Dat is niet een leersysteem met allerlei abstracte theologische uitdrukkingen. Geen leerstellingen; geen dogmatiek ! Geloven is m��r dan het navolgen van allerlei regeltjes.
Ik zou willen zeggen: Geloven is juist ni�t het navolgen van regeltjes.
En geloven is m��r dan het onderschrijven van waarheden. Ik zou willen zeggen: Geloven is juist ni�t het onderschrijven van onwrikbare waarheden.
Geloven is eigenlijk niets anders dan de liefde van God, de liefde van Jezus te beamen en door te geven aan anderen.

Veenhuizen, 29 april 2007, Handelingen 9: 32 -42
Maar we moeten ons wel realiseren dat �verlamd zijn� of �dood� of �sterven� in de bijbel vaak een andere betekenis hebben dan bij ons tegenwoordig gebruikelijk is.
En ook �leven� betekent in de bijbel veelal m��r dan �kunnen ademhalen�.
De bijbel geeft het hier en daar ook wel aan.
�Mijn zoon was dood en is weer tot leven gekomen�, zegt de vader van de – verloren � jongste zoon.
En we zingen het zelf: �Sta op uit de doden o zondaar, en leef!
Van de twintig keer dat het woord �verlamd� in de bijbel staat, gaat het zestien keer over verlamd zijn door angst of door schrik.
Nee, in de bijbel betekent �leven� dat je leeft zo God dat bedoeld heeft.
En �sterven� houdt in bijbelse zin vaak in dat het leven wordt verstikt.

Aduard, 1 april 2007, Matteus 21:1-11 en 26: 1-16
Nee – nav�lgen van Jezus � kiezen voor de weg die Hij ging � betekent, dat je zelfs bereid bent om er wat voor in te leveren, om er zelf juist ni�t beter van te worden.
Dat je bereid bent je in te zetten voor je medemensen ook al gaat dat ten koste van je eigen bezit.

Oosterwolde, 25 maart 2007, Lucas 20: 1-19
En voor ons, als latere lezers van ditzelfde verhaal, voor ons moet duidelijk zijn, dat ook wij de kans krijgen om hiervan te leren.
Geen hekken om ons eigen leven te plaatsen, of om onze eigen geloofsbeleving, onze eigen kerk.
Maar juist vanuit de gezamenlijkheid van ons gemeente-zijn naar buiten te treden � de wereld in.
Bij de profeet Jesaja lazen we immers dat het God niet in de eerste plaats gaat om het �vasten�.
Maar dat het Hem te doen is om gerechtigheid: brood delen met de hongerige, onderdak bieden aan daklozen en verdrukten gul onthalen.
En natuurlijk, daar zullen we niet altijd zelf b�ter van worden.
Maar deze 40dagentijd, deze passietijd, herinnert ons eraan dat Jezus daar vaak bewust voor gekozen heeft.
Voor het opkomen voor anderen, terwijl hij er z�lf om werd veroordeeld.

Een, 25 februari 2007, Lucas 4: 1-13
Jezus kiest ervoor het tegenovergestelde te doen van wat de duivel van hem vraagt. Dat deed hij trouwens zijn hele leven.
Tegenover het n�men van brood zet Jezus het uitdelen ervan aan duizenden mensen.
En waar Adam nog zwichtte voor de verleiding om te eten van de boom van kennis van goed en kwaad, is Jezus erop gericht het verbond met God te herst�llen.
Hij is liever de geliefde Zoon van God dan dat hij een maatje van de duivel is.

Burum, 18 februari 2007, Matteus 14: 22-33
“In de eerste plaats kunnen we uit dit verhaal leren dat we met behulp van God over water kunnen lopen.
Dat wil zeggen: een moeilijke periode doorkomen, moeilijkheden in het leven overwinnen, tegenslagen kunnen opvangen.
Maar het verhaal van vandaag is niet alleen geschreven om te laten zien dat je op Jezus, dat je op God kunt vertrouwen.
Nee, in de evangeli�n staan deze verhalen ook, en dat is het tweede – omdat Jezus ons daarmee oproept die verhalen ook zelf te do�n !”

Else, 4 feberwaori 2007, Matteus 14: 22-33
(Stellingwarver dienst)

“En dan � dan komt Petrus op �e lappen..
�Heer, as jow et binnen, zeg mi�j dan dat ik over et waeter naor jow toe kommen moet.�
Uut de rest van et verhael is vrogger vaeke vaaste steld dat Petrus van alle leerlingen de twiefelkont was.
Mar hi�j is al de ienige die de stap zetten dust !
De aandere leerlingen ?
Zi�j waogen heur d�r iens niet an !
Ie kun dus ok konkluderen en zeggen dat Petrus hier juust vol vertrouwen is en daoromme wat vraogen dust dat eins niet kon.”

Langweer, 21 januari 2007, 1 Koningen 19: 1-18
“Elia�s taak gaat over op een opvolger die hijzelf moet zalven.
Dat is toch een mooie troost die hij kan ervaren
na die moeilijke periode in zijn leven:
Jouw werk gaat door Elia ! Het is allemaal niet voor niks geweest!
Het brood dat hij in de woestijn plotseling naast zich vond
blijkt inderdaad brood voor het leven te zijn.
Zoals het brood waarover Jezus spreekt in onze Johannestekst:
�Wie dit eet sterft niet!�
Als wij ons leven bouwen op – en richten naar Jezus,
dan hebben wij nu al eeuwig leven.
Zoals Elia die hoort dat zijn werk door zal gaan..
En voor Elia komt nu de uittocht uit de woestijn.
Na die woestijnervaring komt dan nu die bevrijdende periode.”

Aduard, 7 januari 2007, Lucas 3: 1 -22
“Het was dus volgens Johannes blijkbaar noodz�kelijk om juist aan d�ze groepen deze specifieke reacties terug te geven.
En voor die soldaten en tollenaars kunnen we dat begrijpen.
Mensen die een publieke functie bekleden mogen zich niet buitensporig gedragen.
Dat d�den ze toen blijkbaar w�l; net zoals nu trouwens.
Wij zien de beelden van de Abu Graib-gevangenis in Irak nog v��r ons of het gedrag van Nederlandse militairen in Noorwegen.
Of ambtenaren die steekpenningen aannemen.
�Nee, dergelijke dingen m�gen niet�, zeggen we dan.
Maar dat eerste voorbeeld?
�Wie twee stel onderkleren heeft, moet delen met wie er geen heeft, en wie eten heeft moet hetzelfde doen.�
Dat komt ons dichter op de huid.
Want wie van ons leeft z� sober, dat-ie maar ��n stel kleren heeft?
Of wie laat er anderen delen van het eten dat in de koelkast staat?
Of ���. als we het wat minder confronterend maken: Wie houdt er bij de verkiezingen – in het stemhokje – m��r rekening met de minderbedeelden, dan met de eigen voor- en nadelen van een stem?”

Boornbergum, 17 december 2006, Lucas 1: 39-56
“Er zijn nog steeds engelen in deze wereld als wij ze maar willen zien – en als wij ze maar willen zijn !
Dan kunnen mensen om ons heen een loflied zingen � zoals Maria !”

Aduard, 10 december 2006, Lucas 1: 26-38
“En dan meldt de engel aan Maria: �De kracht van de Allerhoogste zal je als een schaduw bedekken.�
Dat is een mooie troost !
Het betekent: God is bij je ! Hoe dan ook !
Zoals in Genesis 1 wordt vertelt dat Gods geest zweefde over de wateren en zoals in Exodus de wolkkolom het volk in de woestijn begeleidde, zo wordt ook hier gezegd: God is met je � als een schaduw!
Dat Jezus uit een maagd wordt geboren wijst daar ook op: Het �goede� is uit God.
Dit verhaal past niet in lessen over biologie of gynaecologie.
Daar heeft het namelijk niets mee te maken.
Dit verhaal is theologie.
Lucas heeft het zo geschreven om duidelijk te maken: Hier wordt een nieuw begin gemaakt en God is erbij !”

Makkinga, 3 december 2006, Lucas 1: 5 – 25
�Maar de engel, de boodschapper namens God, zegt
�Wees niet bang Zacharias, je gebed is verhoord�
Een regeltje om even wat langer bij stil te staan.
Want��: welk gebed is er dan eigenlijk verhoord?
We lezen immers nergens waar Zacharias precies om gebeden heeft.
Was dat om een kind? Maar zij waren beide al flink opleeftijd, en Elisabeth was onvruchtbaar.
Dan bid je niet meer om een kind.
Net zomin als je van God kunt vragen dat Zwolle de hoofdstad van Friesland wordt.
Nee, je bidt dan niet om een kind maar om kracht en sterkte om het gemis van een kind te verwerken.
Je bidt dat jou, ondanks het gemis, toch vreugde en blijdschap ten deel mogen vallen.�

Tytsjerk, 19 november 2996, Genesis 32: 2 – 33: 11
“Dit verhaal van de worsteling bij de Jabbok, kan dan ook gezien worden als het keerpunt in Jakobs leven.
En inderdaad soms moet je een hele worsteling doorstaan voordat je met een grijs of zwart verleden kunt breken.
Soms moet je door diepe dalen van zelfconfrontatie gaan om te erkennen dat je ook zelf fouten hebt gemaakt.
En als je zo�n strijd hebt geleverd met jezelf.
Dan kun je er bevrijd weer uit tevoorschijn komen.
Bevrijd van de last van je verleden � het beheerst je niet meer.
Maar ook bevrijd van een verwrongen beeld van de ander.
Je ziet hem niet meer als vijand � maar als je medemens.”

Zwaagwesteinde, 5 november 2006, Marcus 12: 18-27
“De Sadducee�n geloven zelf niet in de opstanding.
maar zij stellen er wel een vraag over aan Jezus.
Dat komen we ook nu nog wel vaak tegen:
Mensen die bijvoorbeeld klagen over de politiek,
terwijl ze zelf nooit naar de stembus gaan.
Of mensen die vinden dat moslims moeten integreren,
maar zichzelf niet beschikbaar willen stellen
voor vrijwilligerswerk bij asielzoekers.
Of christenen die bidden �Uw Koninkrijk kome���
maar die zelf niet meewerken aan de opbouw van dat Koninkrijk.
Dat is natuurlijk niet fraai��. om wel commentaar te leveren,
maar geen verantwoordelijkheid te willen dragen��”

Noordwolde, 22 oktober 2006, Marcus 5: 1 – 20
“Bij sommige verhalen in de bijbel, moet je alert zijn vanaf de eerste regel. Zo ook bij ons verhaal van vandaag. Het staat er zo eenvoudig:
�Jezus komt met zijn volgelingen in het land van de Gerasenen.�
Maar wat houden deze eenvoudige woorden in? Welnu, in dat gebied,
daar woonden niet-joden, heidenen die varkens hielden � onreine beesten. Daar is het rijk van de duisternis.”

Boijl, 17 september 2006, Marcus 9: 14 – 29
“Zo ��.maakt ieder aan anderen verwijten.
Maar dat gaat allemaal wel ten koste van de zoon die crepeert van duivelse geesten.
En zo gaat het wel vaker, ook in ons eigen wereldje.
Men redetwist over van alles en nog wat, �De maatschappij van tegenwoordig; het wordt steeds erger !�
Ondertussen smachten de mensen om ons heen naar hulp en ondersteuning.
�Het gaat hard achteruit met de kerk�, zegt men.
maar: �De kerk, dat zijn wijzelf!�
We klagen er over dat er zo weinig jeugd in de kerk komt.
Maar is het niet eerder zo dat de kerk de jeugd heeft verlaten in plaats van andersom?”

Steggerda, 3 september 2006, Marcus 8: 22-26
“Wat Jezus hier �zien� noemt, is dan ook niet een kwestie van onze ogen – maar van ons hart.
Het gaat niet zozeer om dingen en feiten maar om de betekenis en de zin van wat er is.
Dieperliggende zaken waarvoor we blind kunnen zijn”

De Knipe (Doospgezinde gemeente), 20-augustus 2006,
1 Koningen 19: 1-18

“De doodsweg waarop Elia zich waande,
wordt wellicht een weg ten leven.
Het voedsel dat leek een galgemaal te worden
blijkt nu brood voor onderweg te zijn !”

Hemrik (SOW), 13 augustus 2006, Marcus 5: 1 – 20
Het volk uit Gerasa vindt het maar niks en ervaart dit hele gebeuren als een bedreiging.
De man die door h�n geboeid werd en aan de ketting gelegd, die wordt door Jezus bevrijd.
Het volk benaderde hem al jarenlang op een eigen manier en dacht hem zo te kunnen helpen.
Maar de ware hulp komt van Jezus.
Het volk koos partij voor de demonen in de man � Jezus voor de man zelf:
“Wie ben je? ”

Tytsjerk, 6 augustus 2006, Lukas 14: 25 – 33
“Het gaat dus niet om het feitelijk breken met je familie.
Nee, het gaat er om dat je je gaat onthechten
van de familiebanden en andere relaties,
als die een goed leven voor jezelf en met God in de weg staan.”

Tijnje, 30-07-2006, Marcus 6: 45 – 52
Als de woeste golven, als de moeilijkheden, zo dichtbij zijn, als je erg in de mis�re zit dan is het soms moeilijk om nog in redding te geloven;
je gaat steeds meer spoken zien.
Maar Jezus, God, komt met die bevrijdende en bemoedigende woorden:
“Je hoeft niet bang te zijn; al gaat de zee tekeer ! Ik ben er !”

Een, 25-06-2006, 1 Koningen 19: 1 -18
“God zegt juist: Elia, Jij hebt dan misschien wel afgedaan voor Izebel, maar niet voor mij, hoor ! !”

Zwaagwesteinde, 18-06-2006, Marcus 4: 26-34
�Gras groeit niet harder als je aan de sprietjes trekt.�
Nee, integendeel: het groeiproces wordt dan juist gest�pt.
Je vernielt dan de groei.
Als je het zaad hebt gezaaid, dan moet je ook vertrouwen uitstralen dat er graan zal groeien.”

De Knipe (Doopsgezinde gemeente), 11-06-2006,
Marcus 5: – 20

“De man die steeds leefde tussen de graven of het kerkhof � hij wordt de gemeenschap ingestuurd.
Die opdracht hebben ook wij!
Jezus� opstanding van Pasen moet ook voor ons betekenis hebben in ons eigen leven.
Ook aan ons is daarom de opdracht om uit ons doodse bestaan te treden en te kiezen voor het leven”

Steggerda, 28-05-2006,
1 Koningen 19 en Johannes 17:11-19

“Hebben we niet allemaal wel eens zo�n woestijnervaring als Elia?
Waarom moet mij dit allemaal overkomen ? Str�ft God mij ?
Is God nog wel een God van liefde?
Waarom is God afwezig nu ik hem het meest nodig heb ?
Of de discipelen: Waarom heeft Jezus ons verlaten?
Vragen die dan blijven knellen en je geloof op de proef kunnen stellen.
Maar het zijn vragen die opkomen door de stem van Izebel in ons!”

Kortehemmen, 14-05-2006, 1 Koningen 19: 1 – 18
“Wij laten ons oor hangen naar onze teleurstellingen,
naar ons verminkte zelfbeeld, naar onze negatieve ervaringen,
naar hoe wij menen dat anderen over ons zullen oordelen.
Wij luisteren dan naar de stem van Izebel in ons:
trek je terug, vlucht, mijd het contact met anderen;
in plaats van dat we luisteren naar God – die ons,
ondanks misschien zijn teleurstelling over ons,
t�ch in de vrijheid en in de ruimte wil zetten”

Oosterwolde, 30-04-2006, Hooglied 1; Johannes 21: 15-24
“Wat doen wij op die momenten,
waarop van ons wordt gevraagd liefde te betonen.
Wordt het een verloochening of een liefdesverklaring?
En als het een liefdesverklaring is,
nemen we dan ook de consequenties serieus,
door een pastorale houding aan te nemen?
En hebben we ��k nog zo�n pastorale houding
als we veel schaduwkanten van het leven hebben meegekregen?”

Boyl, 26-03-2006, Johannes 3: 14-21
“….als je alleen de schaduwkanten van het leven kunt zien
en het leven alleen door een donkere bril bij je binnen laat komen,
dan ben je eigenlijk al dood terwijl je nog leeft.
En d�t is de betekenis van het veroordeeld zijn uit onze Johannestekst.
Niet zozeer een afrekening na de dood.
Maar je krijgt zelf de rekening gepresenteerd al tijdens het leven
van je eigen levenshouding en levensinstelling.”

Noordwolde, 19-03-2006, Johannes 2: 13-22
Maar die God van Abraham, Izaak en Jakob, (en Hij is ook �nze God)
die God is op z�n best – als Hij meetrekt met zijn volk,
als hij de ellende van zijn volk in Egypte
of waar dan ook zelf ��k meemaakt,
als Hij mee-neerdaalt ter helle
om op de derde dag mee te verrijzen tot een nieuw leven
een leven dat God en mens waardig is.
Voor di� God komt Jezus �p in de tempel van Jeruzalem
En alles wat het geloof in die levende God in de weg staat �
daar haalt Jezus de zweep over.”

Makkinga, 26-02-2006, Micha 6: 1-8
“Men stelt allemaal extreme offers voor !
Maar voor mensen die zichzelf verrijken aan de bezittingen van anderen � voor mensen die zelfs bereid zijn hun eerstgeborenen te offeren �
zijn dat soort offers geen �chte offers.
Het echte offer zou inhouden: recht te doen, trouw te betrachten en nederig de weg te gaan van God.
Kortom: men moet het gedr�g veranderen.
Het gebod is eigenlijk helemaal niet zo moeilijk maar wel voor mensen die daardoor hun slechte gedrag zouden moeten opgeven.”

Weidum (Frysk), 19-02-2006, 1 Keningen 19: 1-18
“Dan komt dy fraach fan God: �Wat moatsto hjir, Elia? �
In prachtige want in befrijende fraach.
Uteinlik kin en mei Elia tsjinoer God uterje wat him swier op �e mage leit, w�rom�t �r in tryst sin hat.
Gjin nije taken foarearst, gjin nije opdracht te iten om wer fjirder te gean, even gjin krityske profesije jaan moatte.
Nee, gewoan sizze wat dy dwers sit, wat dy beset h�ld, w�rom�t je net mear gelokkich binne.”

Een, 5-02-2006, Marcus 1: 29-39
“De mensen staren zich blind op de wonderbare acties van Jezus en hebben blijkbaar niet door dat Jezus dat alles alleen maar kan doen doordat hij zich regelmatig terugtrekt om even alleen te zijn met God.
De mensen komen blijkbaar alleen af op het succes van Jezus� daden.
Maar Jezus heeft het niet zo op de verheerlijking van hem als persoon.
Hij stelt het blijkbaar niet zo op prijs dat mensen alleen afkomen op zijn wonderen van genezing.”

Boornbergum, 15-01-2006, Johannes 2: 1 – 11
“Hoe zit dat met ons ?
Hebben wij onze kruiken gevuld?
Zodat Gods geest erin kan treden?
Of blijven we verwachtingsvol uitkijken,
zonder de handen uit de mouwen te steken?
Het feest van de schepping dreigt dan uit te lopen op een armetierig eind.
Wat komt er dan eigenlijk van het Koninkrijk van God terecht?
Een chaos, een fiasco: Er is geen wijn !!
Wij willen het nu dir�ct – de betere wijn.
Maar� we moeten geduld hebben en er tegelijk als dienaren z�lf aan werken.”

Else, 8-01-2006, 1 Keuningen 19: 1-18 (Stellingwerfs)
En dan komt die vraoge van God:
�Elia, wat doej� hier?�
Een schitterende, want een bevri�jdende vraoge.
Eindelik kan en mag Elia naor God toe uteren wat him bezig hoolt, wat him zo zwaor op de maege ligt.
Gien ni�je opdrachten veurlopig, gien anvietering weer te gaon eten om n�g veerder te gaon, evempies gien kritische profetie meer geven hoeven.
Nee, gewoon zeggen meugen wat je dwas zit, wat je bezig hoolt, waoromme aj� niet meer gelokkig binnen.
Dat kan locht geven. Niet de opmarking: �Wat ziej� d�r mal uut !�
Of: �Kop op, et vaalt allemaole wel wat toe�
Mar de simpele vraoge: �Wat brengt jow hier, Wat hoolt jow bezig?�

Eernewoude, 23-10-2005 Markus 5: 1 – 20 (Fries)
“In soart problemen ha te krijen mei eangst.
Eangst foar jinsels en eangst foar de miening fan oaren.
De Deenske filosoof S�ren Kieregaard hat skreaun:
“Minsken bin net allinne eangstich omdat se s�ndich binne, mar at it der op oankomt binne minsken s�ndich omdat se eangstich binne en derom net harren sels binne.”
En sa is it faak: minsken doarre de eigen wierheid net te libjen troch eangst foar de miening en reaksjes fan oaren.

Appelscha, 16-10-2005 Matteus 22: 15 – 22
“Aan God geven is niet: allerlei dingen uit je bezit offeren: tempelschatten, kathedralen en grote kerken, hoe mooi dat allemaal ook is en hoe goedbedoeld ook.
Nee, aan God geef je het enige waar ZIJN beeld op staat: jezelf.
Wij zijn immers naar Gods beeld en gelijkenis gemaakt !”

NHL-module Homiletiek 3-10-2005 Matteus 22: 1-14
“Wijzelf of zwarte pakken in onze omgeving (Jan Siebelink in ‘Knielen op een bed violen’) kunnen dan wel zeggen dat we niet goed genoeg zijn om te worden uitverkoren, maar we ZIJN al uitverkoren.
Het gaat er nu nog om dat we de uitnodiging van harte aannemen en ons willen kleden als bruiloftsgast.”

Een 18-9-2005 Matteus 20: 1-16
“De heer uit ons verhaal leert ons dat we omgekeerd moeten denken.
Niet vanuit hoe wij tegen mensen aankijken, maar vanuit wat die mensen nodig hebben om een menswaardig bestaan te kunnen leiden.
…..
…..
God denkt anders, God denkt omgekeerd.
Dat moet ook �ns leren minder snel, of liever nog ni�t, te oordelen.”

Makkinga 11-9-2005 Matteus 18: 21-35
“In de gelijkenis wordt om uitstel gevraagd.
Dat betekent dus dat er communicatie is.
En daarvoor zijn twee partijen nodig.
Die communicatie is nodig om de lucht tussen partijen weer te klaren.
Niet in staat zijn, of weigeren te communiceren, houdt in dat je niet in staat of bereid bent te vergeven.
Zolang communicatie uitblijft is de kans dat je het los kunt laten ver weg.”

Appelscha (De Roggeberg) 21-8-2005 Marcus 5: 1-20
(dit keer een letterlijk citaat)
“S�ren Kierkegaard, de Deense filosoof heeft geschreven:
Mensen zijn niet alleen bang omdat ze zondig zijn, maar als het erop aan komt zijn mensen zondig omdat ze bang zijn en daardoor niet zichzelf zijn”

Tytsjerk 14-8-2005 Matteus 15: 21-28 “Er staan in de bijbel twee verhalen waarin Jezus buitenlanders geneest. Dit van de Kanaanitische vrouw en dat over de Romeinse centurio ( zie Matteus 8 ). In beide gevallen komen de beslissende uitspraken niet van Jezus maar van de vreemdelingen.
Dat is toch iets om over na te denken”

Leeuwarden 7-8-2005 Matteus 14: 22-33 “Jezus reikt Petrus de hand, NIET vanwege zijn grote geloof, maar juist omdat hij twijfelt en ongelovig is”

Aduard 31-7-2005 Matteus 14: 13-21 “Het blijkt dat de discipelen met het kleine beetje dat ze hebben met behulp van Jezus grote dingen kunnen doen”

Aduard 12-6-2005 Matteus 9:35 10:15“Daar waar naar mensen met bewogenheid, met mede-lijden, wordt omgezien, daar breekt al een stukje van Gods koninkrijk aan.”

Noordwolde 22-5-2005 Matteus 28:16-20 “Zo is de drie-eenheid een ervaringsgegeven van mensen die Licht hebben ervaren in de duistere wereld om hen heen”

Hijken 24-4-2005 1 Petrus 3: 8-12 “Zegen is vooruitlopen op Gods komende rijk”

Thesinge 10-4-2005 Marcus 5: 1-20“Deze zieke heeft zijn ziekte nodig, hij is er afhankelijk van geworden”

Boornbergum 3-4-2005 Marcus 5: 1-20 “Hij is zo gewend aan zijn on-leven, dat hij vraagt: pijnig mij niet!”

Burum 20-3-2005 Matteus 21: 1-11 “Laten wij God als koning intocht houden in ons hart en in ons handelen?”

Munnekezijl 13-3-2005 Johannes 11 “Opstanding vindt plaats als aan de stem van God gehoor wordt gegeven”

Zwaagwesteinde 20-2-2005 Matteus 14: 13-21 “Wij kennen dat ook – dat mensen hier komen voor onderdak of eten, maar dan wordt er gezegd dat we zelf al bijna niet genoeg hebben”

Jorwerd 13-2-2005 Matteus 4: 1-11 (Fries) “It kieze foar God, it neifolgjen fan Gods geboaden bringt immen fakentiids yn de woestyn fan de iensumens”

Munnekezijl 30-1-2005 Matteus 5: 1-12 “Mensen die voor gerechtigheid blijven strijden ondanks tegenslagen, ondanks tegenwerking, ja zelfs ondanks vervolgingen – die zijn trouw aan het verbond!”

Elsloo 9-1-2005 Matteus 14: 13-21 (Stellingwerfs)”Daor staoj’ dan mit vuuf broden en twie vissen: ie daenken niks in hanen te hebben, mar toch kriej’ de opdracht om veur de oplossing te zorgen”

Zwaagwesteinde 12-12-2004 1 Koningen 19:1-18 “Izebel moet blijkbaar met de mattenklopper duidelijk maken aan Elia wie er nu eigenlijk de baas is!”

Zwaagwesteinde 26-9-2004 Micha 6: 1-8 “Scharrelen wij als kuddedieren achter de valse profeten aan, die de bestaande situatie willen goedpraten, die alles bij het oude en vertrouwde willen laten?”

Elsloo 5-9-2004 Lucas 14: 25-33 “Het gaan in Jezus’ sporen kleurt ons gehele bestaan; niet alleen op zondag maar alle dagen van ons leven – 7 x 24 uur per week”

Tytsjerk 1-8-04 Micha 6: 1-8 “Als wij ons door God bevrijd weten, dan moeten ook wij bevrijdend handelen naar anderen”

Tytsjerk 9-5-04 1 Koningen 19:1-18 “Elia, de man die zich terug wil trekken en voor zichzelf kiest, hij wordt weer midden in de wereld en in de geschiedenis geplaatst”

Tytsjerk 27-7-03 Marcus 5: 1-20 “Jezus wil niet dat de man die nu bevrijd is van allerlei banden, opnieuw gebonden wordt door zich helemaal te verlaten op Jezus”

Elsloo 15-6-03 Marcus 5: 1-20 (Stellingwerfs) “Et volk keus perti’j veur de demonen in de man – Jezus veur de man zels: wie bin ie ?”

Elsloo 21-7-02 1 Samu�l 17 – mijn maiden-speech (Stellingwerfs) “God helpt David niet zien zwakte te overwinnen, mar Hi’j helpt him zien starke punten te bruken”