Preek van de voorlaatste keer

Ned-vlag

Hier staat de voorlaatste nederlandstalige preek die ik gehouden heb. Soms staat de laatste preek (Preek van deze week) er erg kort op en hebben mensen geen gelegenheid gehad om hem te lezen. Nu gaat er dus minimaal nog een preek ‘overheen’ voordat deze wordt verwijderd.
Wil je een reactie geven? Stuur een mailtje !

===========================================

Havelte

21 juni 2020

Matteus 10: 16-31

De dienst kan HIER ook integraal beluisterd worden.

Wees niet bang!

Dat zeg je als ouder tegen je kind dat in bed ligt en schaduwen aanziet voor dieven of een spook. Wees niet bang, dat zeg je tegen een kind dat naar de tandarts moet of onderzocht moet worden door een dokter of een prikje moet krijgen.
Maar ook volwassenen kunnen bang zijn. Wie kende geen angst toen die voor de eerste keer een toespraak moest houden voor een groep mensen? Wie kende niet de angst voor een derde wereldoorlog toen de TwinTowers waren gevallen? Wie kent niet de angst voor de uitslag van een medisch onderzoek van zichzelf, of de partner of een ouder of een kind?
En had en heeft het dan zin om dan gerustgesteld te worden? Wees maar niet bang? Want, wát als er tóch een oorlog uit voortvloeit? Wát als het onderzoek een ernstige ziekte aan het licht brengt? Waar staan die woorden dan nog voor, “wees niet bang”?

De tekst van vandaag uit Matteus  is onderdeel van de uitzending van de twaalf leerlingen. Waarom zijn die geruststellende woorden voor hen nodig?

Onze twee schriftlezingen hebben met elkaar gemeen dat ze van een negatief deel overgaan naar het positieve. Het deel uit Jeremia begint met zijn klacht dat hij overal wordt bespot en beschimpt, nagefloten. Hij ziet hoe de mensen hem benaderen als de onheilsprofeet. En ze apen hem na: “Overal paniek! Overal paniek!” Maar dan gaat het vanaf vers 11 over op een diep vertrouwen dat God Jeremia uiteindelijk niet in hun greep zal geven.

En de tekst uit Matteus begint met waarschuwingen over vervolgingen. “Ik zend jullie als schapen onder de wolven” en “Pas op voor de mensen” en

“Jullie zullen door iedereen worden gehaat” Maar vanaf vers 26 komen de geruststellingen. Tot drie keer toe staat daar: “Wees niet bang”.

En die aanmoediging om niet bang te zijn, dat is niet zomaar een algemene uitspraak over niet bang te hoeven zijn voor de toekomst, voor het onbekende. Nee, Jezus gaat in op concrete kwesties waar de leerlingen bang voor konden zijn.

De eerste “Wees niet bang” slaat op de tegenstanders. Dat zijn mensen die niets van de blijde boodschap moeten hebben. Wees niet bang voor de mensen die jou vervolgen. “Wat jullie in het oor gefluisterd wordt, schreeuw dat van de daken.”
Dit “Wees niet bang” is hier een oproep om het goede te blijven doen ondanks de weerstanden die het oproept. Je moet niet bang zijn voor de mensen die zelf ménen dat je bang voor hen moet zijn.
Eigenlijk betekent het hier: De waarheid mág, nee móét gezegd worden. Laat je niet tegenhouden!

Het tweede “Wees niet bang” slaat op onze lijfelijke kwetsbaarheid. “Wees niet bang voor hen die wél het lichaam maar níét de ziel kunnen doden.”
Natuurlijk kun je angstige momenten hebben als je letterlijk bedreigd wordt. Maar het is ook goed om je te realiseren dat we méér zijn dan ons lichaam. Ze kunnen je op allerlei manieren traineren en bedreigen, maar dát waar je voor stáát, dat kan niemand je afnemen.
Dat hadden ze immers al met Jezus zélf geprobeerd. Hij kwam op voor de zwakken in de samenleving en pleitte voor het werken aan Gods Koninkrijk. Dat werd hem niet in dank afgenomen. “Aan het kruis met hem! Weg met hem!” En nu – ruim tweeduizend jaar later hebben we het nog steeds over hem. Zijn ziél is niét dood.

Ze hebben het ook geprobeerd met Dietrich Bonhoeffer, de Duitse predikant die, óók in zijn gevangenschap, onverstoorbaar aan zijn geloof bleef vasthouden. Hij werd vlak voor het einde van de oorlog ter dood gebracht. Maar zijn visie en levenshouding is 75 jaar na zijn dood voor velen nog steeds een bron van inspiratie. Er zijn al enkele herdenkingsboekjes verschenen over zijn visie. Hij werd vermoord – maar zijn ziel leeft voort.

Ze hebben het geprobeerd met Martin Luther King. Blijkbaar waren er mensen die hem monddood wilden maken zodat hij zijn droom “I have a dream” niet meer kon uitspreken. En zie: we hebben al een gekleurde president van Amerika gehad. Martin Luther King is dood – maar niet zijn ziel.

Ze probeerden het met de tengere man met in beide handen een tas, op het Tianminplein in Peking in 1989. Hij stond tegenover een colonne tanks als symbool voor de machtige staat China. Als de voorste tank bijdraaide, liep de man diezelfde kant op. Eén tengere man hield op dat moment het hele systeem in bedwang. We kennen zijn naam niet, maar waar die tank-man voor stond, zijn ziel, staat voor altijd op het collectieve netvlies.

Ze hebben het geprobeerd met Nelson Mandela. Jarenlang hielden ze hem gevangen op Robbeneiland in de hoop dat hij geestelijk zou breken. Je zag aan hem dat wél zijn lichaam ernstig gebroken was maar als je hem hoorde, dan wist je dat zijn ziel lééfde !

Een agent in Amerika probeerde het met George Floyd maar gelukkig gaven wereldwijd veel mensen blijk van hun afkeer; zijn laatste woorden worden over de hele wereld op mondkapjes gezet. Door deze woorden, “I can’t breath”, zal Floyd de geschiedenis in gaan.

Bonhoeffer, King, Mandela, de tank-man en George Floyd hebben ná hun dood wellicht nog meer invloed dan tijdens hun leven. Ook van hen zou je met lied 663 kunnen zingen: “Al heeft hij ons verlaten – hij laat ons nooit alleen wat wij in hem bezaten is altijd om ons heen.” “Wees dus niet bang voor hen die wél het lichaam maar niet de ziel kunnen doden.”
Bij deze tekst gaat het er dan wél om dat je bij jezelf een antwoord vindt op de vraag: wat is het eigene van mijn ziel? wie  –  ben  –  ik? Vanuit welk perspectief kijk ik naar mezelf? Ben ik degene zoals anderen mij beoordelen? Of ben ik mezelf? Authentiek?
Bonhoeffer vroeg zich af: ben ik degene die Hitler ten val wil brengen of ben ik degene die het Rijk Gods vandaag wil verkondigen? Mandela en Martin Luther King konden zich afvragen: ben ik degene die in opstand komt tegen het apartheidsregime en rassenhaat, of ben ik degene die zich sterk maakt voor gelijkstelling van blank en zwart? Immers “Black lives matter!!” Beide kanten zijn op hen van toepassing. Maar zelf besloten ze dat hun eigen beeld het belangrijkste was. Ze besloten een eigen authentiek leven te leiden.

De tank-man in Peking, hij wist dat zijn optreden niet direct het einde van de staat China zouden inluiden. Maar zijn actie liet wel zien dat er mensen zijn die niet bang zijn voor hun leven omdat ze strijden voor een rechtvaardig bestaan voor iedereen.

“Wees dus niet bang voor hen die wel het lichaam maar niet de ziel kunnen doden.” Die tekst geeft dus aan dat mensen het jou erg moeilijk kunnen maken, dat ze je zelfs kunnen breken of – erger nog – kunnen doden. Maar jouw ziel, jou eigenlijke zelf, dat kunnen ze nóóit echt breken. Zelfs als ze je werkelijk doden, dan nóg leeft voort waar jij voor gestaan hebt, wat je hebt uitgedragen.  “Wees dus niet bang”.

De laatste aansporing om niet bang te zijn heeft betrekking op wat mensen “waard” zijn. En daarbij wordt gerept over de twee mussen die zo goed als niets kosten en dood neervallen. “Maar er valt niet één dood neer als jullie Vader het niet wil.” Zo staat het in de Nieuwe Bijbelvertaling. Anderen schrijven: niet zonder uw Vader en laten ‘de wil’ er buiten. Bijbelgeleerden melden dat het niet geheel duidelijk is hoe de grondtekst exact vertaald moet worden en dat het gevaarlijk is daar dan toch ‘de wil van God’ bij te betrekken. Want dan kom je aan de oorsprong van het kwaad en op de vraag of God achter alle ellende zit. En als we de tekst erbij pakken die Lucas over hetzelfde gedeelte schreef, dan staat er over die mussen:

“Toch wordt er niet één door God vergeten.” Dat is bepaald geen verwijzing naar een God die het kwade wil, geen uitspraak over een God die mensen de dood injaagt. Het is een belijdenis dat God ons niet vergeet – wát er ook gebeurt.

In dit evangeliegedeelte worden we dus drie keer aangespoord om niet bang te zijn, Maar ook in het begin van ons Matteustekst – het deel over de vervolgingen en met de waarschuwingen – daarin staat ook al zo’n zin: “Wanneer ze je uitleveren, vraag je dan niet bezorgd af hoe je moet spreken of wat je moet zeggen. Want wat je moet zeggen, zal je op dat moment worden ingegeven.” Dat is een tekst die oproept om onbevangen in het leven te staan, en zéker onbevangen in het spreken met anderen.
Mensen die te maken hebben gehad met een groot verdriet die vertellen soms dat ze zich door anderen in de steek gelaten voelen. Men kwam niet langs om hen een hart onder de riem te steken. En als ze later toch weer met die mensen in contact komen dan zeggen die wegblijvers dat ze niet wisten hoe ze moesten reageren. Dat zijn wellicht mensen die tevoren precies uitdenken wat ze zullen zeggen in verschillende omstandigheden. Maar ze realiseren zich ook, dat een gesprek onvoorspelbaar is. Dat door een kleine opmerking het gesprek heel anders kan lopen dan je vooraf in gedachten had voorbereid.
Bovendien zitten mensen met verdriet niet te wachten op ingestudeerde antwoorden of op kant-en-klare troost. Nee, men heeft slechts behoefte aan authentieke betrokkenheid en aan een luisterend oor dat echt hoort wat de ander zegt soms zelfs in de stilte tussen de uitgesproken woorden door.
Sommigen zijn bang voor zo’n ontmoeting en gaan daarom maar niet op bezoek. Bang voor het verdriet waarop ze moeten reageren. Bang ook voor de stilte die vaak beter is dan woorden. Maar ook in deze situaties geldt dus: “Wees niet bang hoe je moet spreken of wat je moet zeggen. Want wat je moet zeggen, zal je op dat moment worden ingegeven.” Wij zijn immers meer waard dan een hele zwerm mussen.

Wij mogen er zijn! Wees niet bang!! Angst is een slechte raadgever, zo luidt het gezegde en zo is het uiteindelijk ook. Er zijn verhalen bekend van mensen in concentratiekampen die zingend allerlei vernederingen ondergingen. Gelukkig zitten wij niet in dergelijke omstandigheden. En tóch kunnen wij soms die neiging krijgen om één of ander lied te zingen als tegenwicht tegen onze angst, als een soort bezweringsformule.
Want ons lied wordt steeds gedragen door vleugels van de hoop. Het stijgt de angst te boven om leven dat verloopt. Wees niet bang !

kerkdienstgemist.nl/stations/1802/events/recording/159151680001802

(C) Jan Koops

Wil je een reactie geven? Stuur een mailtje ! (klik op mailtje)

===========================================
De eerstvolgende Nederlandstalige preek wordt geplaatst op de eerstvolgende dag waarop ik een dienst heb om circa 15.00 uur.
==========================================